Tomoe Gozen

Uit GeschiedenisJapan
Ga naar: navigatie, zoeken

Tomoe Gozen (巴 御前, Hare Excellentie Tomoe) (vermoedelijk 1161–1184) was één van de weinige vrouwelijk militaire bevelhebbers in de Japanse geschiedenis. Ze was actief in de Genpei (源平)-oorlogen (源平合戦 Genpei kassen 1180-1185)aan het einde van de Heian periode (平安時代 794-1185). Omdat nagenoeg alle informatie die de dag van vandaag beschikbaar is over Tomoe een sterk mythisch karakter heeft, is het onmogelijk om de ware feitelijke gegevens van de legende te scheiden.

KISO/MINAMOTO no Yoshinaka en Tomoe Gozen

Levensgeschiedenis en historische achtergrond

Genpei-oorlogen

Op het einde van de 12e eeuw heerste er oorlogen tussen twee van de machtigste clans van Japan: de TAIRA(平)-clan en de MINAMOTO(源) -clan. Wanneer de twee clannamen achter elkaar worden geplaatst (平源), wordt de Sino-Japanse uitspraak "genpei" en vandaar dat men naar deze oorlogen verwijst als de Genpei oorlogen. Het is deze bewogen periode die de overgang van de Heian-periode (平安時代, 794-1185)naar de Kamakura periode (鎌倉時代, 1185-1333)als gevolg heeft gehad.

Yoshinaka

MINAMOTO no Yoshinaka (源義仲) (1154-1184) werd geboren in de Musashi provincie maar moest als kind vluchten naar de Kiso provincie waar hij opgroeide en zijn familienaam veranderde. Vandaar dat hij ook bekend staat onder de naam KISO no Yoshinaka (木曾 義仲).

Aanvankelijk was Yoshinaka de aanvoerder van de eerste aanvalstroepen van zijn neef MINAMOTO no Yoritomo (源 頼朝), die later de eerste shōgun (将軍 = militair opperbevelhebber van het feodale Japan) van het Kamakura shogunaat (1185-1333) zou worden.

Het is aan MINAMOTO no Yoshinaka dat Tomoe Gozen haar status te danken had. Tomoe Gozen wordt gezegd generaal te zijn geweest van één van de troepen van Yoshinaka maar het is ook geweten dat ze niet alleen een militaire relatie met Yoshinaka had maar welke persoonlijke relatie ze precies met hem had is niet helemaal zeker: volgens sommige bronnen was ze zijn echtgenote, volgens anderen was ze zijn concubine.

Er ontstonden interne conflicten in de MINAMOTO-clan nadat Yoshinaka in 1183 Kyōto was binnengevallen. MINAMOTO no Yoritomo droeg zijn twee broers Noriyori (範頼) en Yoshitsune( 義経) op hun neef Yoshinaka aan te vallen en te vermoorden.

Militaire carrière

In de zesde maand van het jaar 1181 (het zesde jaar van keizer Jishō 治承) maakte Tomoe Gozen haar militair debuut bij de troepen van KISO no Yoshinaka in de slag bij Yokotagawara (横田河原), waar zij zeven samurai (侍, ridder van het feodale Japan) te paard versloeg.

In de vijfde maand van het jaar 1183 (het tweede jaar van keizer Juei 寿永) trok Tomoe ten strijde in Tonamiyama (礪波山) als één van de belangrijkste bevelhebbers onder Yoshinaka. met het bevel over een leger van meer dan duizend ruiters. Deze strijd resulteerde in de overwinning op de TAIRA-clan.

In de eerste maand van het jaar 1184 (het derde jaar van keizer Juei) bewees Tomoe Gozen zich nogmaals in Uchide no Hama (打出の浜) toen zij overbleef als één van de enige vijf van de oorspronkelijk driehonderd van het leger van Yoshinaka die voor de rest gevlucht of in de strijd gesneuveld waren. Haar allerlaatste ogenblikken als strijder bracht ze door op het slagveld in Azuwa (栗津).

Tomoe's dood

Gedenksteen voor Tomoe bij de Gichū-ji, Ōtsu, Shiga Prefectuur

Er zijn verschillende theorieën over de dood van Tomoe Gozen. De meeste versies hebben gemeen dat Tomoe Gozen zich op het slagveld te Awazu op een groep sterke strijders stortte teneinde Yoshinaka de tijd te geven seppuku (切腹rituele zelfmoord) te plegen.

Wat hierna gebeurde varieert van versie tot versie. In de Hyakunijūkubon (百二十句本) tekst van de Yasaka-lijn (八坂流) staat een stuk geschreven dat niet te vinden is in de Kakuichi versie (覚一). In dit deeltje wordt gesuggereerd dat Yoshinaka Tomoe had verzocht in het klooster te gaan om voor zijn rust in het hiernamaals te bidden.

Volgens de “Genpei tōjōroku” (源平闘諍録) werd ze na haar ontsnapping door YOSHINAKA no Yoritomo naar Kamakura ontboden , waar ze Wada Yoshimori (和田義盛, 1147–1213) ontmoette en met hem huwde. Uit dit huwelijk zou een zoon genaamd Asahina no Saburō Yoshihide (朝比奈三郎義秀. (1176–?, ook Asaina) geboren zijn, dewelke beschouwd werd als de sterkste strijder van de late Kamakura-periode. In de Azuma Kagami (吾妻鏡) wordt deze stelling echter in vraag gesteld door op te werpen dat Asahina al 9 jaar was ten tijde van de slag bij Awazu en het dus onwaarschijnlijk is dat hij een zoon is van Tomoe.

De naam Tomoe Gozen

Mitsu tomoe (drie komma's)

Tomoe (巴, vroeger uitgesproken als “tomowe”ともゑ) wordt vertaald als “komma ontwerp” of soms “draaikolk” en verwijst naar een symbool dat vaak voorkomt in de Japanse cultuur. Het gaat om een cirkel waarin één, twee, drie of zelfs vier druppelvormen of grote komma’s verwerkt zitten. Dit soort symbolen werd veelvuldig gebruikt als kamon (家紋familieschild) en in boeddhistische of shintoïstische tempels . Dit symbool is verwant aan het Ying en Yang (陰陽) symbool en is eveneens een uitbeelding van het evenwicht van de verschillende krachten in het universum

Gozen (御前) is een titel die aangeeft dat het een hooggeplaatst iemand betreft. Best te vertalen als “Mijn Heer”, “Zijne Excellentie” of in dit geval “Hare Excellentie”.

“Tomoe Gozen” was niet de echte naam en eigennaam van deze strijdster maar slechts een respectvolle titel. Het gebeurt wel meer dat figuren uit Japanse geschiedenis, en dan in het bijzonder vrouwen, de geschiedenis ingaan zonder dat men met zekerheid kan zeggen hoe de echte naam en eigennaam luidde. Zo ook bijvoorbeeld bij Murasaki Shikibu (紫式部, ca. 973 – ca. 1014 of 1025), de schrijfster van één van Japans eerste romans “Het verhaal van Genji” (源氏物語 Genji monogatari).

Naar Tomoe Gozen wordt, afhankelijk van het manuscript, met zeven verschillende Japanse schrijfwijzen verwezen(巴, ともゑ, 鞆画, 鞆, 鞆絵, 艫絵, 伴絵).

Vrouw in de strijd

Vrouwelijke samurai?

Tomoe Gozen wordt vaak verkeerdelijk omschreven als een “vrouwelijke samurai”. Het Japanse woord “samurai” verwijst in de eerste plaats naar een sociale positie. Net zoals bijvoorbeeld het woord “vader” is samurai een woord dat geslachtsgebonden is en een vrouw kon dus net zo min samurai zijn als vader.

Dit neemt echter niet weg dat er in het feodale Japan vrouwen tot de strijderklasse konden behoren. Een vrouw die echtgenote of dochter was van een samurai behoorde per definitie tot de “buke”(武家, militaire familie). Dit was in theorie niet meer dan een sociale titel en impliceerde geenszins dat deze vrouwen ook maar enige vorm van militaire opleiding moesten ondergaan.

Toch was het niet zeldzaam voor een vrouw om gevechtskunsten te leren. In tegenstelling tot bijvoorbeeld Victoriaans Engeland was het ideaal van de vrouw in de tijd van Tomoe Gozen niet onderdanig en hulpeloos maar eerder onderdanig, dapper en altruïstisch. Deze gedachtegang strookt perfect met de bushidō (武士道, “de weg van de strijder”, de code van ridderlijkheid).

Het werd als de plicht van de vrouw gezien het huis en de kinderen te beschermen tegen rovers wanneer haar echtgenoot ten strijde was getrokken. Aangezien deze bescherming niet zelden het nodige geweld vereiste, bekwaamden vele vrouwen zich in de klassieke vechtkunsten (武術bujutsu) en dan in het bijzonder in de kunst van de Japanse hellebaard (薙刀術, ook 長刀術). (zie de titel “Wapens”).

Er waren zelfs vrouwen die ook buitenshuis hun martiale capaciteiten in de praktijk zette en mee het slagveld op trokken, zoals Tomoe Gozen maar ook Hangaku Gozen (坂額御前 ) die eveneens tijdens de Genpei oorlogen streed en zelfs het bevel had over maarliefst 3000 manschappen. Wat dan weer wel exclusief was voor de samurai, en dus uitgesloten voor elke vrouw, waren de officiële, formele plichten die hij had tegenover zijn bevelhebbers en het groter geheel van het bakufu (幕府, feodale regering met aan het hoofd de shōgun) .

Een correctere beschrijving dan "vrouwelijke samurai" zou zijn "vrouw van de strijdersklasse"(武家の女, buke no onna) of "vrouwelijke beoefenaar van gevechtskunt(女武芸者, onna bugeisha)

Wapens

Tomoe Gozen met ōdachi

Ōdachi

Ōdachi (大太刀) is een type zwaard dat onder de categorie van de daitō (大刀, langzwaard) valt d.w.z. zwaarden waarvan het blad langer is dan twee shaku (尺) wat overeenkomt met ongeveer 60cm.

De ōdachi is een nog grotere versie van de tachi (太刀, groot/dik zwaard), de voorloper van de katana (刀) van de Edo periode (江戸時代, 1603-1868). Kenmerkend voor de tachi is dat deze met de scherpe kant naar beneden werd gedragen terwijl de katana door de gordel gestoken met de scherpe zijde naar boven werd gedragen.

Men spreekt van een ōdachi wanneer het een tachi betreft waarvan het blad langer is dan 3 shaku (ongeveer 90cm). Deze zwaarden hadden als voordeel dat ze een enorme lengte, en dus bereik, hadden maar als nadeel dat ze erg zwaar en moeilijk te hanteren waren. Het is allesbehalve vanzelfsprekend voor een vrouw om een wapen van een dergelijk kaliber te gebruiken in de strijd en dit symboliseert de enorme kracht en vaardigheid die Tomoe Gozen worden toegedicht.

Yumi

Volgens de Heike monogatari (zie titel « heike monogatari ») was Tomoe Gozen niet alleen een uitstekend zwaardvechter maar ook een meester met de yumi (弓, boog). Typisch voor de Japanse boog is dat het bovenste deel veel groter is dan het onderste. De yumi is in Japan lange tijd het symbool geweest voor de samurai totdat men de nadruk verlegde op het langzwaard.

Naginata

De naginata is een stokwapen met aan het uiteinde een gebogen blad met één scherpe zijde. Het wordt al zwiepend en snijdend gebruikt in de strijd (in tegenstelling tot de speer die meer geschikt is om te steken) en is zo zeer geschikt tegen meerdere vijanden met zwaard die al rondzwiepend op afstand worden gehouden. Precies om deze reden was dit het ideale wapen voor een vrouw die het huis en kinderen moest beschermen wanneer haar echtgenoot niet thuis was. Zij kon zo iedereen, uitgezonderd de meest ervaren zwaardvechters, wegjagen.

De naginata wordt in Japan vaak gezien als een vrouwelijk wapen en daarom wordt Tomoe Gozen vaak afgebeeld met een naginata in de hand, hoewel er geen enkele bron is die beschrijft dat zij inderdaad gebruik maakte van dit wapen.

Heike Monogatari

Heike Monogatari(平家物語, De vertellingen van Heike) is een epische vertelling die handelt over de Genpei oorlog, aan het einde van de 12e eeuw. “Heike” bevat de karakters “Taira”平 en “ie”家(huis) en is te vertalen als “de Taira clan”.

Aanvankelijk waren dit meerdere verhalen die door de Biwa hōshi (琵琶法師, Boeddhistische priesters die verhalen vertelden met begeleiding van een Japanse luit ) al zingend werden verspreid. In 1371 verenigde één van deze Biwa hōshi, AKASHI Kakuichi (明石覚一), genaamd, de bestaande vertellingen over de strijd van de Taira tegen de Minamoto en schreef ze als één neer.

In het negende volume “Kiso no saigo” (木曾の最期, Het einde van Kiso)van de Heike Monogatari beschrijft men Tomoe, die door KISO (=Yoshinaka) werd meegenomen naar wat zijn laatste strijd zou worden.

Het verhaal is bijzonder lovend over Tomoe en is het is dus te betwijfelen of deze beschrijving meer waarde heeft dan een louter literaire. Volgens het boek had Tomoe lang zwart haar, een witte huid, een merkwaardig mooi gezicht. Verder staat ze beschreven als een ruiter die in staat was het wildste paard de baas te kunnen en als een strijder die zodanig vaardig de ōdachi en de yumi (zie titel "wapens") hanteerde dat ze de gelijke was van wel duizend mannen en waardig een duivel of god te ontmoeten ("鬼にも神にもあはふどいふ一人当千の兵者なり",vertaling naar modern Japans door ICHIKO Teiji 市古貞次). Vele malen zou ze in volle wapenrusting ten strijde zijn getrokken en zodoende grenzeloze roem hebben vergaard bij ontmoetingen met de dapperste kapiteins.

Later in het negende volume komt Tomoe nog eens aan bod in volle glorie: Nadat alle anderen afgeslacht of gevlucht waren, bleef Tomoe over als één van de laatste vijf en liet Yoshinaka haar bij zich roepen. Yoshinaka zei haar dat het beter zou zijn voor haar nu te vluchten. Hij had zelf besloten te sterven, hetzij door de hand van de vijand, hetzij door de eigen hand en het zou voor Yoshinaka een schande zijn geweest in zijn laatste gevecht te sterven aan de zijde van een vrouw. Als laatste heldendaad zou ze volgens het verhaal, met grote vastberadenheid Yoshinaka te tonen welk een mooie ultieme strijd zij leveren kon, op een sterke samurai (侍, ridder van het feodale Japan) van de MINAMOTO-zijde afgelopen zijn. Deze samurai, die de naam ONDA no Hachirō Moroshige (御田八郎師重)droeg, kwam met dertig medestanders aangereden waarop Tomoe op de bende invloog en ONDA van zijn rijdier sleurde, hem tegen haar zadel aandrukte en zijn hoofd afhakte. Al lopend ontdeed ze zich van haar harnas en vluchtte naar de Oostelijke provincies.

Tomoe Gozen vandaag

Tomoe Gozen was al tijdens de Edo periode een figuur die zeer tot de verbeelding sprak en veelvuldig op ukiyoe (浮世絵, “prenten van de drijvende wereld”, een type prenten gedrukt met een houten blok). Vandaag de dag blijft Tomoe Gozen iemand die erg tot de verbeelding spreekt van onder andere vele vrouwelijke beoefenaars van gevechtskunsten en feministen.

Jidai Matsuri

Tomoe Gozen uitbeelding op het Jidai Matsuri met een naginata in de hand

Jidai Matsuri (時代祭り, festival der tijdperken) wordt jaarlijks op 22 oktober gehouden en is één van de drie grootste festivals van Kyōto. Het festival wordt gehouden in de vorm van een processie met tweeduizend deelnemers die in groepjes de verschillende periodes van de geschiedenis van Kyōto als hoofdstad van Japan uitbeelden.

Ook worden er belangrijke historische figuren uitgebeeld zoals bijvoorbeeld Murasaki Shikibu en Sei Shōnagon (清少納言, 965-1010). Tomoe Gozen wordt ook vertegenwoordigd in deze stoet, vaak te paard in traditionele yoroi (鎧, harnas), met een gouden kroontje, zwaarden en een naginata in de hand.

Media

Tomoe Gozen geeft inspiratie aan talloze striptekenaars en tekenfilmmakers. De heldhaftige vrouw is een concept dat blijkbaar sterk tot de verbeelding spreekt.

Een voorbeeld hiervan is het personage “Saisei” uit de manga (漫画, Japanse cartoon) “Samurai Deeper Kyo” dat de terug tot leven gekomen Tomoe Gozen voorstelt. Ook het karakter “Tomoe Ame” uit de stripverhalen van “Usagi Yojimbo”is gebaseerd op Tomoe Gozen.

In de Japanse dramareeks “Yoshitsune” die in 2005 op de Japanse televisie verscheen werd Tomoe Gozen vertolkt door model/actrice KOIKE Eiko (小池栄子), bij ons vooral bekend uit de film 2LDK. In deze reeks opteerde men voor de versie waarin ze een concubine was van Yoshinaka die het slagveld ontvluchtte.

Bronnen

  • Sieffert, René. Le dit des Heiké: Le Cycle épique des Taïra et des Minamoto, een vertaling van Akashi, Kakuichi (明石覚一), 『平家物語』(Heike Monogatari).Parijs: Publications orientalistes de France, 1978.
  • Saito, Eiko. Die Frau im alten Japan. Duitse Democratische Republiek: Edition Leipzig, 1989.
  • Sadler, A.L.. The Ten Foot Square Hut and Tales of the Heike: Being two thirteenth-century Japanese classics, the “Hōjiki” and selections from the “Heike Monogatari” , een vertaling van Akashi, Kakuichi (明石覚一), 『平家物語』(Heike Monogatari).Tokio: Charles E. Tuttle Company, 1979 (1972)
  • Yumoto, John M. The Samurai Sword: A Handbook. Rutland, Vermont & Tokio: Charles E. Tuttle Company, 1999, (1958).

Externe Links

<http://www.youtube.com/watch?v=NvXXJUcc8B8>