Slag bij Kagoshima 鹿児島
Uit GeschiedenisJapan
Kagoshima is vandaag de hoofdstad van de prefectuur Kagoshima in het zuiden van Kyūshū 九州, het meest zuidelijke van de vier grootste Japanse eilanden. Vroeger was het de hoofdstad van de Satsuma-han 薩摩藩[1], een van de machtigste domeinen van het Japan uit de Tokugawa 徳川-era [2]. In 1877 vond de Seinan 西南-rebellie[3] plaats, de laatse daad van verzet tegen de hervormingen en modernisering van de pas geïnstalleerde Meiji 明治-regering[4], de zwanenzang van de oude samurai 侍-idealen[5] en de feodale orde. De slag bij Kagoshima was het bloedige sluitstuk van de Seinan-rebellie en betekende de totale vernietiging van het Satsuma leger.
Aanleiding
Het is zeker interessant om toch deels te begrijpen wat vooraf ging aan deze bijzonder gewelddadige veldslag. Daarom kunnen we best de aanleiding voor de Seinan-rebellie (Sienan no ran 西南の乱) even bestuderen. Hoe kon een clan zich opeens tegen het regime keren dat ze zelf mee op poten had gezet? Waarom was deze veldslag zo ophefmakend, wanneer heel wat andere opstanden vrij makkelijk de kop werden ingedrukt?
De prominentie en trots van de Satsuma clan
De Satsuma-clan stond al sinds de eenmaking van Japan (1573-1603) bekend als een van de machtigste clans en hoewel ze werd verslagen toen Toyotomi Hideyoshi 豊臣秀吉 heerser van heel Japan probeerde te worden, mocht ze haar toenmalige gebied en macht behouden. Zelfs toen Tokugawa Ieyasu 徳川家康 er in was geslaagd om zijn macht over heel Japan te vestigen, achtte hij het verstandiger om de familie Shimazu 島津, de familie van de daimyō[6], in bezit te laten van hun domein[7]. De Satsuma-samurai stonden bekend om hun militaire voortreffelijkheid, moed, geestdrift en vooral ook om hun drang naar onafhankelijkheid. Satsuma boezemde met andere woorden sinds lang respect in en was een enorm trotse provincie.
Het aandeel van Satsuma in de Meiji-revolutie
De trots van het huis Shimazu en de rest van Satsuma-clan hing samen met een diepe haat tegenover de Shōgun 将軍[8]. Het Shōgunaat stond hen immers in de weg van volledige onafhankelijkheid. Ze waren echter ook gewoon jaloers op de macht van de Tokugawa’s en verachtten hen daarom nog meer. Het is dan ook niet zo vreemd dat Shimazu Saburō 島津三郎 (ook Shimazu Hisamitsu 島津久光), het clanhoofd in de periode waarover we het nu zullen hebben, zich aansloot bij de sympathisanten van de keizer. Er was immers een beweging ontstaan die de restauratie van de macht van de Mikado 帝 (de keizer) en de uitdrijving van de buitenlanders beoogde. De restauratie van de Mikado hield natuurlijk in dat de Shōgun zijn macht zou verliezen, maar de revolutionairen ambieerden natuurlijk ook om meer macht te hebben binnen de door hen mogelijk gemaakte nieuwe regering.
Saigō Takamori 西郷隆盛
Saigō Takamori was een Satsuma-samurai die al van jongs af aan tegen het Bakufu 幕府[9] was. Hij wilde de keizer als hoogste autoriteit en verlangde meezegenschap in de besluitvorming voor de belangrijkste clans. Hij verkreeg groot respect in Satsuma en bij andere clans door zijn verwezenlijkingen als hoofdadviseur van Shimazu in de oorlog tussen Satsuma en Groot-Brittanië. Onder andere door zijn invloed en diplomatie verenigden de Zuidwestelijke clans zich met het doel de Shōgun af te zetten. Hij werd aanvoerder van Satsuma’s legers in Fushimi 伏見[10] en behaalde glorieuze overwinningen. Hij was onderhandelaar voor de keizer in de vredesgesprekken met de Shōgun en nam deel aan de laatste veldslagen om de overblijvende legers van de Tokugawa’s te verslaan. De keizer Meiji was hem en de Satsuma-han ongelooflijk dankbaar en beloonde hem met materiele goederen en eerbetoon[11]. Saigō wordt vandaag nog steeds beschouwd als een van de grootste helden van de Japanse geschiedenis, beschermer van de Japanse identiteit en het grootste militaire genie uit zijn tijd.
Hanseki hōkan 版籍奉還: ‘De vrijwillige overgave van de daimyō aan de keizer’
De keizer genoot een ongeëvenaard aanzien als mythische afstammeling van de zonnegodin Amaterasu 天照. Zijn aanzien alleen was echter geen voldoende instrument om zijn gezag veilig te stellen. Het werd al snel duidelijk dat er ook materiële ondersteuning nodig was. Deze werd verzekerd door een ongelooflijk radicale maatregel. De daimyō stelden hun geërfde bezittingen en rechten ter beschikking van de keizer om zo de stabiliteit van het land te kunnen vrijwaren. Hoe de keizer deze nieuw verworven rijkdom en administratieve macht zou gebruiken, moest worden beslist in samenspraak met ministers en een nationale raad. Deze verandering zou nog verstrekkende gevolgen hebben, zoals verder staat beschreven.
Meningsverschillen en ontgoocheling
Voor de samenstelling van de nieuwe regering werden ook Satsuma clanleden aangesteld. De bekendste zijn Ōkubo Toshimitsu 大久保 利通, en Terashima Munenori 寺島宗則. Ook Saigō kreeg een aanzienlijke post. Aanvankelijk werkten ze harmonieus samen, maar hoe langer hoe meer werden de verschillen in visie duidelijk tussen enerzijds Ōkubo en Terashima en anderzijds Saigō en Shimazu. De eersten focusten hun aandacht op de belangen van het land en waren zeer progressief. Zij wilden het hele land grondig hervormen tot een moderne staat. De laatsten zetten zich voornamelijk in voor de aparte belangen van hun clan en waren conservatief. Zij geloofden in het behouden van het feodale bestel, zij het in gewijzigde vorm. Verder waren ze ook sterk ontgoocheld in de rol die hen werd toebedeeld in het besturen van het land. Deze gevoelens werden volledig gedeeld door de troepen en het merendeel van de clanleden.
Verdere hervormingen
Militaire hervormingen
Om de macht ook op militair vlak bij de keizer en zijn regering te kunnen leggen, moest natuurlijk ook een modern leger opgericht worden. Eerst werden de samurai-milities in de han afgeschaft en het dragen van zwaarden verboden. Dit alleen al stuitte op hevig verzet. De samurai identificeerden zichzelf namelijk sterk met hun krijgersstatus. Bovendien werd het zwaard als de ziel van de samurai beschouwd. De invoering van de dienstplicht was een tweede bittere pil. Deze ging immers uit van het principe ‘alle burgers soldaat’, ook de niet-samurai. Een grove belediging voor de trotse krijgers die geloofden dat alleen zij geschikt waren voor de krijgskunst. Verder werd het leger gemoderniseerd naar Westers model en werd het opgeleid door Duitse officieren.
Afschaffing van het feodale klassenonderscheid en het staatsinkomen
De samurai hadden tijdens de Edo-periode een vast inkomen dat bovendien erfelijk was. In principe hadden ze dus eeuwige inkomsten uit de han. Toen de staat eigenaar werd van de han, erfde ze dus ook de stipendia die de han aan de samurai betaalden. Door de invoering van de dienstplicht verloren de samurai ook hun maatschappelijk nut als krijgerklasse. Het uitbetalen van de enorme massa volk, de samurai waren met ongeveer 2 miljoen, woog enorm zwaar op de nieuwe Meiji-regering en werd uiteindelijk niet meer te dragen. De uitkeringen werden vervangen door staatsobligaties, maar dit draaide voor de overgrote meerderheid uit op een gigantisch financieel verlies. Samen met deze financiële dobber kregen de samurai ook nog het afschaffen van het klassenonderscheid te verwerken. Deze verandering was niet enkel nominaal (samurai werden tot shizoku gedoopt), maar ook structureel en zelfs uiterlijk. De wetten op de haarsnit en het recht op zwaardendracht, zoals hierboven al vermeld, werden afgeschaft, wat allemaal bijdroeg tot de frustratie van conservatieve samurai. Ze werden beroofd van al hun privileges.
Deze hervormingen waren duidelijk niet in het voordeel van de samurai. Ze wekten wrevel en verslagenheid en droegen bij tot de algehele ontevredenheid van velen. Niet alleen werd hun inkomen afgenomen, maar ook hun eer.
Het Korea-dispuut
In 1873 stelden Saigō Takamori en anderen voor om de oorlog te verklaren aan Korea, omdat dit land weigerde het nieuwe regime te erkennen en diplomatieke relaties aan te knopen met Japan. Een andere, verzwegen reden was de oorlogszucht van de Satsuma-clan en de drang om hun militaire kunnen te bewijzen. Het voorstel werd echter niet goedgekeurd en zo verdween de gelegenheid voor de samurai om militaire glorie te behalen, waarop Saigō ontslag nam uit de regering. Hij keerde terug naar Satsuma, waar hij een uitstekende reputatie genoot, en hield zich op een afstand van staatszaken.
De angst van de centrale overheid
Toen Saigō zich terug trok uit de regering, richtte hij in Satsuma ‘Private Scholen’ op met de beloningen die hij en andere clanleden hadden ontvangen van de keizer voor hun bewezen diensten[12]. Deze scholen waren sterk op militaire training gericht. De centrale regering zag dit met wantrouwige blik gebeuren en zond inspecteurs naar Satsuma. Deze meldden dat de provincie, ondanks de doorgevoerde hervormingen vanuit Tōkyō, nog steeds vasthield aan haar oude gewoonten en er bovendien een privaat leger op nahield. Er bevonden zich ook grote militaire depots in Satsuma die, hoewel ze van de regering waren, toch een bedreiging vormden omwille van de locatie. De regering ondernam op 30 januari 1877 een geheime operatie om de wapens en munitie te verplaatsen naar Ōsaka 大阪. De poging werd snel ontdekt en meer dan duizend Satsuma mannen vielen de nachtelijke belagers aan en dreven hen terug. Daarbij kwam nog dat ze een agent van de regering hadden kunnen gevangen nemen. Hij onderschreef een bekentenis dat hij en nog anderen de opdracht hadden om het regime in Kagoshima te ondergraven en paraat moesten staan om Saigō te doden. Voorgaande leek voor de heethoofdigen onder de clanleden reden genoeg om tot rebellie over te gaan.
Het begin van de Seinan-rebellie
De groeiende ontevredenheid onder de samurai in Satsuma kende dus verschillende oorzaken. Ze vonden dat hun clan onrecht was aangedaan door zo weinig invloed toegewezen te zijn. De doorgevoerde modernisering en verwestersing strookte niet met hun conservatieve idealen en ze waren al helemaal niet te spreken over het feit dat ze hun bevoorrechte machtspositie in de Japanse maatschappij en hun financiële zekerheid zo goed als helemaal hadden verloren. Bovendien werd hen de kans op verdere militaire glorie afgenomen door het afwijzen van de oorlog met Korea en werd hun status als krijger tot nihil herleid. In Satsuma hoopte men echter nog de oude orde zo veel mogelijk te bewaren. De ‘private scholen’ van Saigō telden in Kagoshima alleen al zo’n zevenduizendtal studenten en de pogingen van de centrale overheid om Satsuma onder de knoet te krijgen en de militaire dreiging er weg te nemen, verhitten de gemoederen. De vonk die deze spanning deed exploderen was het gerucht dat de regering Saigō Takamori wilde vermoorden. De samurai schreeuwden om rebellie en Saigō voelde zich geroepen[13] om de opstand te leiden.
Hier volgt een heel korte beschrijving van de militaire activiteiten tijdens de Seinan-rebellie en het bloedige einde ervan met de slag bij Kagoshima.
Het beleg van Kumamoto 熊本
Op 17 februari 1877 marcheerde Saigō uit Kagoshima en noordwaarts met een leger dat vastberaden was om zijn legitieme queeste uit te voeren en de keizer hun ontevredenheid voor te leggen. Saigō had echter geen mogelijkheden om zijn troepen af te lossen of nieuwe soldaten te recruteren en de munitie en het wapentuig aan te vullen. Hij moest deze oorlog dus uitvechten met steeds uitdunnende manschappen en afnemend materieel. Het enige voordeel dat de rebellen hadden, was hun grote motivatie, enthousiasme en overtuiging en ook de betere opleiding van hun manschappen. Dit woog echter niet op tegen de numerieke en logistieke superioriteit van het keizerlijke conscriptieleger. Rond 22 februari bereikte de legermacht het kasteel van Kumamoto. Ondertussen had de regering een militaire expeditie uitgezonden onder leiding van prins Arisugawa 有栖川, die zijn hoofdkwartier had opgesteld in Fukuoka. Hij zond meteen twee divisies om het rebellenleger te vertragen. Politieagenten uit heel het land, die zelf samurai waren, werden opgeroepen om het nieuwe leger te versterken.
Na heel wat hevige gevechten rond en ten noorden van Kumamoto, werd de garnizoenstad uiteindelijk bevrijd op 14 april. Dit was het keerpunt van de revolte. Van hier af aan zou het alleen nog maar snel bergaf gaan voor de rebellen. Saigō slaagde er echter evenwel in om met het merendeel van zijn volgelingen door de keizerlijke linies te breken en zich terug te trekken in de bergen. Na enkele gevechten in verscheidene delen van Kyūshū waarbij de detachementen van de rebellen werden verslagen, trok Saigō naar Nobeoka 延岡 en uitendelijk naar Kagoshima, waar alles was begonnen en waar alles zou eindigen…
De slag bij Kagoshima
Verschansing aan de voet van Shiroyama 城山
Saigō verschanste zich aan de voet van de heuvel Shiroyama met nog maar vijfhonderd manshappen, samurai, vastberaden te sterven eerder dan zich over te geven en hun huid duur te verkopen. De ‘jagers’ waren zich goed bewust van de ingesteldheid van hun vijand en naderden heel voorzichtig wat prins Arisugawa hun ‘hok’ genoemd had. Hun verschansing was immers een lager gelegen deel in het rotsige stuk van de heuvel, waar de natuurkrachten enkele holen hadden gemaakt. Daar schuilden de aanvoerders en hun manschappen hadden daar rond hutten gemaakt. De keizerlijke troepen hadden ook verschansingen opgeworpen en zo de rebellen omsingeld. Hun afzetting was zo goed geconstrueerd dat ze praktisch onfeilbaar was. De rebellen hadden twee pogingen ondernomen om door te breken en beide waren uitgelopen op een volledige afslachting van diegenen die ze ondernamen. Een gewelddadige dood, uithongering of onvoorwaardelijke overgave waren de enige opties die nog overbleven. Overgave moet een man als Saigō ongetwijfeld met verachting hebben uitgesloten. Aan de andere kant zou zijn bestaan alleen al voor de regering een constante bron van onrust zijn, zelfs als gevangene. Waarschijnlijk hebben ze daarom ook zelf geen poging gedaan hem tot overgave te dwingen, maar wilden ze de leider van de Satsuma-rebellie vernietigen, zowel zijn lichaam als zijn invloed. De keizerlijke troepen hadden hun verdedigingslinie/gevangenis vervolledigd op 10 September en begonnen vervolgens met bombardementen. Deze eisten een tweehonderdtal slachtoffers. Af en toe ondernamen ze ook kleine aanvallen om zo de rebellen geen moment rust te gunnen.
De finale aanval
Dit ging zo door tot 23 september toen twee afgevaardigden van Shiroyama aankwamen in Kagoshima. Ze eisten een onderhoud met admiraal Kawamura 川村. Ze vroegen hem waarom ze als opstandelingen werden behandeld en wat ze verkeerd hadden gedaan. De admiraal onderbrak hen en zei dat het geen zin had zulke vragen te stellen. Hij vroeg hen of ze een boodschap brachten van Saigō Takamori. Zij antwoorden negatief, maar vroegen hem of het leven van Saigō gespaard zou worden, mochten de rebellen zich overgeven. Kawamura antwoordde dat alleen de keizer over zo’n zaken kon beslissen. Hij was hier enkel met de opdracht om de rebellie neer te slaan en alleen onvoorwaardelijke overgave mocht aanvaarden. Daarop zei hij dat hij zou wachten op een boodschap vanuit het rebellenkamp tot 17u diezelfde dag. Als niemand kwam, zou hij daarna opdracht geven tot aanval op hun positie. Ze kwamen nooit terug.
De admiraal hield woord. Nog voor zonsopgang, op 24 september, werd een enorm bombardement gelanceerd. Door het bommengeweld en de duisternis gedekt naderden aanvalstroepen het ‘hok’ van de vijand. Ze bereikten bijna geheel zonder verliezen hun beoogde positie en vuurden salvo na salvo in het vijandelijk kamp. De rebellen werden volledig verrast en verloren al snel hun vooropgestelde geschut. Hun eigen wapens werden nu tegen hen gebruikt. Ze boden hardnekkig weerstand, maar de strijd was volledig ongelijk. Saigō was een van de eersten die gewond raakte, een kogel in zijn dij. Hij pleegde daarop zelfmoord en liet een van zijn samurai hem onthoofden om gespaard te blijven van de schande om levend in de handen van de vijand te vallen. Rondom hem waren een honderdtal van Satsuma’s prominentste samurai ook gesneuveld. Ze waren hun leider immers trouw en omdat ze gefaald hadden hem te beschermen, wilden ze zich niet overgeven en hem zo overleven. De rest van de rebellen, ongeveer tweehonderd en tien in aantal, de meesten zwaar gewond, werden gevangen genomen. De keizerlijke troepen telden slecht dertig verliezen. Zo eindigde deze bloedige tragedie op een mooie septembermorgen, nog vooraleer de dag enkele uren oud was. Zo eindigde de slag bij Kagoshima en daarmee de Seinan-rebellie.
Begrafenis en respect
Later die dag werden de gevallenen naar de stad gebracht voor identificatie en begrafenis. Onder de doden vond men ook de lichamen terug van de aanvoerders, dewelke overdekt waren met wonden. Men vond ook een onthoofd lichaam van een grote, krachtig gebouwde man. Er ontstond discussie of dit het lichaam was van de grootse Saigō Takamori of niet, maar die discussie werd snel gesloten toen men het hoofd erbij bracht. Zijn hoofd werd immers begraven, maar dat gebeurde zo haastig dat een vijandelijke soldaat het al snel terugvond. Het was vuil en besmeurd met modder en bloed. Admiraal Kawamura waste het hoofd met eigen handen, als teken van respect voor zijn vroegere vriend en kompaan tijdens de oorlogen van de Meiji-restauratie. Saigō en zijn samurai werden in een gemeenschappelijk graf gelegd. Boven het graf staat een houten tablet met daarop de namen van de gesneuvelden en de datum waarop ze waren gevallen.
Ontelbare mensen hebben het graf al bezocht om hun respect te betuigen. Een volks geloof uit Satsuma zegt dat de ziel van hun eens zo grote generaal nog steeds zichtbaar is wanneer Mars aan de hemel staat. De zielen van zijn volgelingen hebben het minder ver (of hoog) gebracht. Volgens hetzelfde volkse geloof is er een nieuw soort kikker verschenen op Kyūshū en dat de zielen van de opstandelingen deze diertjes bewonen. De kikkers zouden heel strijdvaardig zijn en mensen aanvallen zonder op te houden tot ze gedood worden.
Gevolgen
Het neerslaan van het trotse samuraileger door het keizelijke conscriptieleger waar werd op neergekeken omdat het niet enkel bestond uit soldaten uit de krijgersklasse, was een enorme schok. De samurai moesten eindelijk de superioriteit van de moderne oorlogvoering erkennen. De slag bij Kagoshima en de Seinan-rebellie op zijn geheel was het onweerlegbare bewijs hiervoor. Dit was dan ook de laatste militaire opstand van conservatieve samurai tegen het moderniserende bewind. Voortaan zouden ze zich tegen de regering verzetten met politieke middelen. De Beweging voor Vrijheid en Burgerrechten (Jiyū Minken Undō 自由民権運動) is hiervan het meest opmerkelijke voorbeeld. Deze beweging zou later evolueren naar een beschermer van de burgerlijke rechten van alle burgers, niet alleen van die van de samurai. Een neveneffect van de opstand was een grote inflatie. De opstand had de regering te veel geld gekost en ze had te veel ongedekt geld uitgegeven.
Voetnoten
- ↑ Japan was vroeger ingedeeld in feodale domeinen waar een daimyō 大名, een soort koning of baron, vrij autonoom regeerde. Deze domeinen werden ‘han’ genoemd. Sommige han waren meer onafhankelijk dan de andere. Ze waren immers allen loyaliteit verschuldigd aan de Shōgun, de militaire heerser van Japan en de feitelijke machthebber.
- ↑ In de periode tussen 1603 en 1868 werd Japan geregeerd door de Tokugawa Shōguns. In theorie was de keizer de hoogste gezagsdrager in het land, maar in feite zwaaiden de Shōguns de plak. De keizer verloor zijn absolute gezag al in 1158, toen het eerste Bakufu 幕府, dit is het militaire gezag, geïnstalleerd werd in Kamakura 鎌倉. Sindsdien is de Japanse keizer een symbolisch figuur geweest zonder werkelijke macht. Een andere naam voor de Tokugawa-era is de Edo 江戸 periode, omdat het Bakufu toen zetelde in Edo, de oude naam voor Tōkyō 東京.
- ↑ Sienan no ran 西南の乱,ook de Satsuma-rebellie genoemd.
- ↑ De Meiji-regering werd gevormd na de Meiji-revolutie in 1868. Dit was de restauratie van het keizerlijke gezag. Meer over de Meiji-restauratie (link)
- ↑ De samurai waren een klasse te vergelijken met de adel in Europa. Het was een militaire klasse die zich echter ook het meest met cultuur en kunst bezighield en tot ontwikkeling bracht. Ze hadden heel eigen idealen en codes.
- ↑ Zie noot 1. Shimazu was het huis van de daimyō van Satsuma.
- ↑ Ieyasu liet vele daimyō overplaatsen naar andere han en gaf zijn vertrouwelingen de belangrijkste domeinen.
- ↑ Zie noot 1 en 2. De Shōgun was de militaire heerser van Japan en de feitelijke machthebber
- ↑ Shōgunaat, militaire gezag/regering
- ↑ Een van de belangrijkste veldslagen, om niet te zeggen de belangrijkste, in de oorlog voor de restoratie van de keizer was de slag bij Fushimi, dicht bij Kyōto, de keizerlijke hoofdstad toendertijd.
- ↑ Een brief van de keizer aan Shimazu Saburō: “Sinds vele jaren was jij de belangrijkste verdediger van mijn belangen. De nederlaag van de rebellen te Fushimi in 1868, welke de grootste klap was voor de macht van de Shōgun en een algehele verandering in het gevoelsleven van het land, is hoofdzakelijk te danken aan jouw troepen. Je zond ze ook naar het Noordoosten en daar heb je, de ene na de andere overwinning behalend, de rebellen overwonnen en vrede gebracht. Het is dankzij jouw inspanningen dat ik mijn positie hersteld heb en ik beschouw jou als de pilaar van ons land. Omwille van jouw verdienstelijkheid beloon ik je met een jaarlijks inkomen van 100 000 koku rijst en verhood jouw rang.” Saigō kreeg zelf ook een dergelijke brief en een inkomen van 2000 koku.
- ↑ Zie noot 11.
- ↑ Sommigen menen dat Saigō zich eigenlijk gedwongen voelde om de leiding te nemen, deels om zijn eigen mensen zo goed mogelijke leiding te geven, deels om de schade voor heel Japan te beperken. Zijn persoonlijke gevoelens rond de revolte zullen echter nooit met zekerheid gekend zijn.
Bronnen
Vande Walle, Willy, Een Geschiedenis van Japan. Leuven: Acco, 2007
Mounsey, Augustus H., The Satsuma Rebellion of 1877. Washington D.C.: University publications of America inc., 1979
Buck, James H., The Satsuma Rebellion. From Kagoshima Throught the Siege of Kumamoto Castle. Monumenta Nipponica, Vol. 28, No. 4, 1973, pp. 427-466
Tripler Nock, Elizabeth, The Satsuma Rebellion of 1877: Letters of John Capen Hubbard. The Far Eastern Quarterly, Vol. 7, No.4, 1948, pp. 368-375
Internet
Wikipedia, Kagoshima Prefecture. http://en.wikipedia.org/wiki/Kagoshima_Prefecture
Wikipedia, Kagoshima, Kagoshima. http://en.wikipedia.org/wiki/Kagoshima%2C_Kagoshima
Wikipedia, Battle of Shiroyama. http://en.wikipedia.org/wiki/Battle_of_Shiroyama

