Seinan Rebellie

Uit GeschiedenisJapan

Excursus - Studentenbijdrage

Inhoud

Voorgeschiedenis

Inleiding

In de nasleep van de Meiji-restauratie ging men zich op politiek vlak terug wenden tot een oudere vorm van besturen, alle inwoners werden namelijk terug onderdanen van de keizer. Ook ging men de Han’s afschaffen en een systeem van prefecturen op richten.

De invoering hiervan leidde tot de vorming van een gecentraliseerd bestuur. In deze regering werden na een politieke machtstrijd bijna alle hoge functies bekleed door mensen uit Satsuma of Chōshū.

Hanseki hōkan

De term Hanseki hōkan duidt op de teruggave van land en grond aan de keizer. Dit werd door de Daimyō niet meteen geaccepteerd en pas nadat de Daimyō van Satsuma, Chōshū, Tosa en Hizen met het voorstel instemden gingen anderen hen volgen. Wie niet meteen instemde moest later genoegen nemen met minder gunstige voorwaarden. Ex-Daimyō werden later aangesteld als gouverneurs van hun han.

Gevolgen

Om de Han volledig van hun autonomie te beroven werden er diverse hervormingen doorgevoerd op regionaal vlak die het bestuur moesten vereenvoudigen:

  • De familie status als springplank voor een carrière werd afgeschaft.
  • Het persoonlijk inkomen van de Han-gouverneurs werd vastgelegd op één tiende van wat zij vroeger verdienden.
  • Het grote onderscheid in rangen werd gereduceerd tot slechts twee: shizoku en sotsuzoku.
  • Er moest verslag worden uitgebracht over regionale politieke gebeurtenissen aan de centrale overheid.
  • Het inkomen van de samurai werd sterk gereduceerd.

Afschaffing van het feodale klassesysteem

De feodale klasse structruur moest net zoals de Han’s gereformeerd worden. De ingewikkelde verhoudingen werden herleid en opnieuw onderverdeeld in 3 vaste klassen: de adel (kazoku), de patriciërs (shizoku) en de gewone burgers (heimin)

Deze hervorming benadeelde de samurai aanzienlijk. Ten eerste werd hun inkomen niet meer verzekerd door de staat. De samurai werden gedwongen zich te integreren in de nieuwe maatschappij. Ook werden zij door hun verdeeldheid onder de vroegere rangen in de shizoku geplaatst. Ten laatste werd hen ook het recht op het dragen van zwaarden ontnomen.

De reïntegratie van de samurai in de maatschappij werd een ramp, slechts een klein percentage slaagde erin om als ambtenaar, politieagent of leraar aan de slag te geraken en diegenen die zich als handelaar of boer gingen vestigen mislukten bijna allemaal in hun opzet. De overheid kwam dus met maatregelen op de proppen die deze klasse moesten bezighouden en de gemoederen moest bedaren.

Verhitte gemoederen

De leider van de rebellie, Saigō Takamori, die in de regering zetelde ging zich steeds meer tegen de regering keren. Het feit dat de samurai geen zwaarden meer mochten dragen was al oorzaak geweest van een paar kleinere opstanden.

Voor hem was de drupel die de emmer deed overvloeien echter de houding van de Japanse regering tegenover Korea. Korea weigerde immers diplomatieke betrekking aan te knopen met Japan. Dit was in zijn ogen grond voor een oorlog, hij stoote echter op tegenstand binnen de regering. Hij nam naar aanleiding hiervan samen met zijn medestanders ontslag uit de regering. Wanneer hij in Kagoshima terugkeerde riep hij op tot een rebellie tegen de overheid.

Verloop van de rebellie

Beginsituatie

  • Saigō

Saigo werd niet aanzien als een goede staatsman, hij en andere leden van de regering die uit Satsuma kwamen werden in hun eigen provincie aanzien als verraders. Ze werden beticht van een beleid te voeren dat totaal niet overeen stemde met wat men van hen verwachte. Niet te min slaagde Saigō er in om een grote hoeveelheid samurai aan te werven die tegen het verbod op het dragen van zwaarden gekant waren. Dit gaf hem voldoende stootkracht om een bedreiging te vormen voor de regering.

  • De regering

Vanaf het moment dat Saigō zijn ontslag nam uit de regering zag deze de rebellie al aankomen. En hoewel Satsuma een groot deel van de troepen had geleverd voor het leger was men er zeker van dat ze trouw gingen blijven aan de Keizer. De regering had op dat moment tussen de 31.000 en 46.000 mannen plus dan nog eens 4000 elite troepen en een marine. Hierbij kwamen dan ook nog eens 18.000 politiemannen.

Begin van Saigō’s campagne

Saigō had het voordeel dat hij zijn troepen al had kunnen voorbereiden voor de regering al van iets op de hoogte was. Hij was er in geslaagd zijn troepen al te organiseren voor de regering nog maar de kans kreeg om haar troepen op te stellen. Saigō vertrok vanuit Kagoshima om het kasteel van Kumamoto in te nemen, die van vitaal belang was omdat hij van daaruit een groot deel van de omliggende landerijen kon laten overstromen.

Beleg van Kumamoto

Vanaf de 7de februari begonnen gewapende mannen Kagoshima binnen te stromen, zij zouden Saigō bijstaan in zijn campagne, het duurde maar een paar dagen of de volledige troepenmacht had zich ingedeeld in regimenten. Een bewijs dat er op voorhand al concrete afspraken waren gemaakt. In totaal vertrokken en 14.000 mannen vanuit Kagoshima richting Kumamoto.

Op de 22ste februari arriveerden zij in Kumamoto, ze hadden in Kawajiri al een bataljon van de troepen van Kumamoto verslagen die ervoor moesten zorgen dat het leger uit elkaar zou vallen. Kolonel Tani, die het bevel voerde gaf zijn mannen het bevel op geen enkel voorstel van Saigō in te gaan. Hij was echter niet op de hoogte dat een deel van de soldaten afkomstig uit Satsuma samen met Saigō een pact hadden gesloten om voor hem de poorten te openen als zijn bevelen niet werden opgevolgd.

Toen bleek dat de stad bijna niet verdedigbaar was trokken de imperialistische troepen zich terug in het kasteel van waaruit zij de landerijen lieten overstromen. Maar Saigō gaf niet op, hij bleef het kasteel bestoken met aanvallen en het werd al snel duidelijk dat deze situatie vroeg of laat in het voordeel van de rebellen zou uitdraaien tenzij de regering versterkingen zou sturen.

Bevrijding van Kumamoto

Omdat de troepenmacht van de rebellen te groot was stuurde de regering versterking die arriveerde op de 3e maart. Er werd hevig gevochten bij Tawarazaka, een stad 30 kilometer ten noorden van Kumamoto, die de rebellen hadden ingenomen. De slachtoffers liepen langs beide kanten hoog op en werden geschat op 3000 man op 19 maart. Pas vanaf het moment dat het leger zijn artillerie in stelling bracht ging het er slecht uitzien voor de rebellen. De imperialisten bevrijdde na een goed georganiseerde aanval Tawarazaka.

Saigō had er desnoods nog wel in kunnen slagen de veldslag bij Kumamoto te winnen ware het niet dat door het verlies van Tawarazaka hij minder manschappen had en het leger nu een superioriteit in aantallen had.

Terwijl Saigō dus ingesloten zat in Kumamoto gingen de imperialistische troepen de hulplijnen van de rebellen vanuit andere provincies afsnijden. En zolang er geen andere clan Saigo kwam helpen zou dit het einde zijn van de rebellie. Er waren natuurlijk wel kleinere opstanden in het noorden en zuiden maar deze werden snel de kop ingedrukt door de regering.

Doordat het imperialistische leger Saigō helemaal had ingesloten was hij genoodzaakt om zich terug te trekken. Hij slaagde hierin en ontsnapte zo aan een vroegtijdige dood.

Einde van de rebellie

De nederlaag bij Kumamoto bleek het begin van het einde te zijn. Na zijn ontsnapping uit Kumamoto werd Saigō achterna gezeten door het imperialistische leger dat zijn vestigingen één voor één veroverde. Uiteindelijk viel het leger Satsuma binnen en veroverde Kagoshima. De rebellen slaagden er niet in de stad terug te winnen en werden achtervolgd door een enorm grote troepenmacht. Het rebellenleger zag zich hierna gedwongen om een guerrilla oorlog te voeren.

Dit mondde uit in de veldslag bij Nobeoka waar Saigō zijn laatste zet deed. Hij liet zijn troepen kiezen,diegene die zich niet langer wilden inzetten voor de rebellie moesten dienen als afleidings maneuvre tot hij erin slaagde om door de imperialistische linie te breken en Kagoshima binnen te vallen. Daarna mochten zij zichovergevenaan het imperialistische leger.

Hij slaagde er echter niet in Kumamoto met zijn beperkt aantal resterende troepen te bezetten en werd gedwongen om zich terug te trekken in Shiroyama. Shiroyama werd daarna door het leger omsingeld en Saigō en zijn rebellen werden gedood.

Eindbalans na de rebellie

Kost van de rebellie

Gedurende de rebellie zette de regering ongeveer 65.000 mannen in om de opstand neer te slaan. De rebellen hadden vanaf hun vertrek uit Kagoshima ongeveer 40.000 manschappen. Van deze was meer dan de helft afkomstig uit Satsuma zelf. Dit zou willen zeggen dat er iets meer dan 100.000 manschappen met elkaar in gevecht waren. Dit is echter totaal niet het geval. De regering slaagde er nooit in meer dan 40.000 manschappen op te stellen en bij elke veldslag waren de rebellen nooit met maar dan 22.000 manschappen.

De rebellie koste in totaal het leven aan 14.000 mensen waarvan iets meer dan de helft rebellen. Er vielen naar schatting 22.000 gewonden. Ook hier waren er iets meer dan de helft samurai die Saigo hadden gevolgd. Veel van de gewonden zouden na de rebellie ook nog sterven, dit maakt het moeilijk om echt concrete data te verzamelen. Ook de schade aan huizen en land waren niet te overzien, Kagoshima was bijna helemaal vernietigd en ook een groot deel van Kumamoto had datzelfde lot ondergaan. Ruw geschat zouden er 50.000 huizen vernietigt zijn volgens de Japanse overheid.

Op financieel gebied had de rebellie ook haar sporen na gelaten. De rebellen die vaak zeer arm waren leefden van de bevolking en ook de handel naar de gebieden waar de rebellen zich vertoefden werd steeds schaarser. Maar deze kosten vallen in het niets bij de hoeveelheid geld die de overheid nodig had om de rebellen het zwijgen op te leggen. In totaal had de rebellie 42 miljoen yen gekost, ongeveer 300.000 euro. Dat was in die tijd niets minder dan een klein fortuin.

Politieke en maatschappelijke effecten

Politiek gezien was de Seinan-rebellie het einde van een tijdperk, ontevreden samurai kwamen tot het besef dat de regering niet tot inkeer kon gebracht worden door enkel gebruik te maken van geweld. Van toen af aan werd de regering steeds meer op politiek vlak onder vuur genomen. De Beweging voor Vrijheid en Burgerrechten werd opgericht.

Op maatschappelijk gebied werd de rebellie niet afgeschreven als een nachtmerrie maar eerder verheerlijkt. Saigō was een idool geworden door zijn optreden tegen de veranderingen en als een icoon van heldhaftigheid. Zijn dood speelde hier zeker een grote rol in, had hij gevlucht dan hadden de Japanners hem afgeschreven als een lafaard maar zijn beslissing om te sterven in plaats van te vluchten gaf zijn persoon een waardigheid die het volk zeer zeker weet te bekoren.

Bronnen

  • Mounsey, Augustus H. The Satsuma Rebellion: An Episode of Modern Japanese History. Washington: University Publications of America, 1979.
  • Vande Walle, Willy en Coppens, Hans. Geschiedenis van het Moderne Japan. Cursus gedoceerd in het kader van het vak ‘Geschiedenis van het Moderne Japan’, Katholieke Universiteit Leuven, Faculteit Letteren, Departement Oosterse en Slavische Studies, Afdeling Japanologie, 2003.