Nogi Maresuke
Uit GeschiedenisJapan
Nogi Maresuke (乃木希典), een Japanse generaal, ook wel gekend als Kiten, Count Nogi, werd geboren op 25 december 1849 in Edo. Hij was gouverneur van Taiwan, heeft gevochten in o.a. de Sino-Japanse oorlog en was een van de helden in de Russisch-Japanse oorlog. Hij pleegde zelfmoord samen met zijn vrouw op 13 september 1912 toen keizer Meiji overleed.
Inhoud |
Zijn jeugd
Hij werd geboren in Tokyo als zoon van een samoerai uit de Chofu Clan. Als kind werd hij Mujin (wat letterlijk 'niemand' betekent) genoemd zodat boze geesten hem geen kwaad zouden kunnen doen. Toen hij 18 jaar werd, kreeg hij de naam Nogi Bunzo.
Het begin van zijn militaire carrière (1969-1877)
In november 1869, ging hij bij het leger op het bevel van de heer van het Nagato domein. Hij voegde zich bij het Fushimi Goshin Heisha (The Fushimi Loyal Guard Barrack). Hierna ging hij in de Kawato Barrack in Kyoto werken als instructeur. Vervolgens werkte hij voor het Toyora domein als trainer verantwoordelijk voor de kustverdedigingstroepen.
In 1871 werd hij majoor van het Japanse Keizerlijke Leger. Rond deze tijd gaf hij zichzelf de naam Marusuke, door een kanji van zijn vader's naam te gebruiken.
In 1875 werd hij een “attaché” van het 14de “infantry regiment. Een jaar later werd hij benoemd tot de hoofdambtenaar van Kumamoto’s regionale troepen.
Op 27 augustus 1876 trouwde Nogi met Shizuko, de vierde dochter van Yuji Sadano (een Satsuma samurai). Nogi was toen 28 jaar oud, Shizuko 20.
Hagi Rebellie (1876)
Nogi Maresuke vocht mee in de Hagi Rebellie. De leider van deze Rebellie was Maebara Isei, die vroeger een hooggeplaatste overheidsambetaar was. Hij werd gevolgd door ex-samoerai. Maebara Isei begon de opstand in Hagi op 26 oktober 1876. Overheidstroepen maakten een einde aan de rebellie op 6 november 1876. Maebara en 8 andere samoerai werden geëxecuteerd. 60 soldaten werden gevangen genomen.
Satsuma Rebellie (1877)
Op 29 januari 1877 brak de Satsuma-Rebellie uit in Kyushu geleid door Takamori Saigo. Deze Rebellie was de laatste grote gewapende opstand tegen de Meiji overheid. Nogi Maresuke was aanvoerder van de regeringstroepen in de strijd tegen de samoerai van Takamori Saigo. Hij verloor de vlag van zijn regiment en overwoog zelfmoord te plegen om boete doen voor deze schande. Op 24 september 1877 kwam de Satsuma-Rebellie tot een einde. Takamori Saigo werd verslagen door de regeringstroepen, die moderne wapens en training in hun voordeel hadden. Takamori Saigo pleegde Seppuku.
Na de Satsuma Rebellie, op 28 augustus 1877 werd hun eerste zoon Katsunori geboren. Nogi kocht hun eerste huis in Nizakamachi, Tokyo.
In 1887 ging hij naar Duitsland met Soroku Kawakami om de krijgkunst te bestuderen.
In 1878 werd hij kolonel. Het jaar daarop werd zijn tweede zoon Yasunoi geboren.
Zijn militaire carrière (1878-1905)
De eerste Sino - Japanse Oorlog (1894-1995)
In 1894 tijdens de eerste Sino- Japanse oorlog was Nogi majoor-generaal. Hij was bevelhebber van de eerste infanterie brigade en bezette Lushun. Hij kon de Chinese verdediging doorbreken en Port Arthur bezetten in 1 dag.
In 1895 werd hij gepromoveerd tot luitenant generaal van de tweede infanterie brigade. Toen moest hij de invasie van Taiwan leiden. Hij bleef in Taiwan tot 1898, in 1899 werd hij teruggeroepen naar Japan waar hij de leiding kreeg over de nieuw gevormde 11de infanterie brigade in Kagawa.
Na de Sino- Japanse oorlog werd hij danshaku (baron) en kreeg de Orde van “the Golden Kite” (1ste klas). Nogi was de derde Japanse gouverneur generaal van Taiwan van 14 oktober 1896 tot Februari 1898. Zijn hele familie verhuisde mee naar Taiwain. Omdat zijn moeder daar malaria opliep en stierf, nam Nogi maatregelen om de ziekenzorg in Taiwan te verbeteren.
In 1904 kreeg hij promotie en werd generaal.
Russiche -Japanse Oorlog (1904-1905)
Hij vocht als generaal in de Russisch-Japanse Oorlog. Keizer Meiji gaf hem de opdracht de stad Porth Arthur tot elke prijs te veroveren. De generaal riep zijn manschappen op desnoods voor de keizer te sterven. Officieren werden niet geacht de strijd te overleven en wie zich zonder goede reden aan het slagveld onttrok, zou standrechtelijk worden doodgeschoten. Ondanks het grote aantal doden, veroverde hij met zijn derde leger Port Arthur in een slag die 155 dagen duurde. Van de 130 000 Japanse troepen waren er 59 000 gewond of dood. Alleen al bij de beroemde derde aanslag op de heuvel 203, zou er 17 000 man gestorven zijn. Nogi’s twee zonen stierven hier. Nogi’s oudste zoon Katsusuke Nogi, eerste luitenant op dat ogenblik, werd neergeschoten. Zijn tweede zoon, Yasusuke Nogi, die toen tweede luitenant was, kwam net van de Militaire Academy. Hij leide een zelfmoord aanval op de heuvel 203. Heuvel 203 werd ingenomen enkele dagen nadat Yasusuke gestorven was. Nogi bood de keizer aan om zichzelf van het leven te beroven. Deze weigerde dat.
Zijn leven na de oorlog
Na de oorlog werd hij militair adviseur en in 1907 werd hij hoofd van de adellijke school Gakushuin op verzoek van keizer Meiji.
Nogi gaf het grootste deel van zijn fortuin uit aan hospitalen voor gewonde soldaten en aan herdenkingsmonumenten voor diegene die gestorven zijn tijdens de Russisch-Japanse oorlog. Hij zorgde er ook voor dat er een herdenkingsmonument in Port Arthur kwam, om de Russische doden te herdenken.
In 1911 werd Nogi door de keizer aangewezen om de kroning van de Engelse koning George V in Londen bij te wonen, een bewijs van de vertrouwenspositie die de generaal aan het hof innam. Nogi hield het in het buitenland een paar maanden uit, en het was tijdens zijn afwezigheid dat Meiji de gevolgen van een kankergezwel moest ervaren. De keizer stierf op 29 juli 1912, pas negenvijftig jaar oud. De begrafenis vond plaats na een officiële rouwperiode van zes weken.
Opvoeder van Hirohito
Op zijn 7de –volgens de officiële telling- ging Hirohito naar de adelijke school Gakushuin. Hoofd van die school was destijds generaal Maresuke Nogi. Nogi belichaamde niet uitsluitend de ouderwetste deugden van de samoerai, hij vertoonde de voor Japan zeldzame combinatie van strijdlust en intellectueel vermogen. Hij was een vaardig kalligraaf, een expert op het gebied van miniatuurboompjes en zedenmeester. De generaal, eenogig en half invalide, legde zich met ijver op de opvoeding van de kleinzoon van keizer Meiji toe en kreeg veel invloed op de jonge Hirohito. Hij bracht Hirohito bij dat alles –lichamelijke kwalen aangeboren onhandigheid, een gebrekkig coördinatievermogen- overwonnen kon worden door oefening en wilskracht. De jonge Hirohito droeg hem dan ook op handen.
Zijn dood
Op de dag dat keizer Meiji begraven werd, schreef Nogi een kort gedicht over de berg Fuji en over zijn wens dat Japan één zou zijn in het gedenkteken van de helden die stierven voor de keizer. Zijn vrouw trok een zwarte kimono aan, Nogi ontkleedde zich tot op zijn witte onderkleding. Na buigingen voor portretten van de gestorven keizer en hun zonen liet generaal Nogi eerst zijn vrouw sterven door haar een dolk in de nek te steken, en stierf vervolgens zelf door met een kort zwaard zijn buik open te rijten. Dit gebruik werd ook wel junshi genoemd, waarbij iemand dus zelfmoord pleegde om zijn meester te volgen in de dood. Zijn zelfmoord beïnvloedde velen, waaronder Natsume Soseki en Mori Ogai, allebei schrijvers uit de Meiji periode.
Nogi's nalatenis
Nogi is samen met zijn vrouw en zijn beide zonen begraven op het Aoyama kerkhof te Tokyo. De woning van de generaal, nog altijd in het centrum van Tokyo te zien te midden van hoge kantoren en flatgebouwen was een eenvoudig gebouw met een bovenverdieping dat nog het meest op een kleine boerenhoeve leek. Het is tegenwoordig een heligdom en een weinig bekend museum, een van de weinige vooroorlogse huizen in de wijk Aoyama die bij de Amerikaanse bombardementen gespaard zijn gebleven. Twee keer per jaar, aan de vooravond van hun dood en op de dag zelf, kan het publiek langs het huis wandelen.
Bronnen
- De uitvinding van Japan door Ian Buruma
- Hirohito: de keizer die moest blijven door Edward Behr
- Hirohito: keizer tussen Hemel en Aarde door Peter Crame.
- Kamikaze, cherry blossoms, and nationalisms: the militarization of aesthetics in Japanese History door Emiko Ohnuki-Tierney.
- Hirohito en war door Peter Wetzler
- Samurai of Japan: A Chronology from their origin in het Heian Era door Dorothy Perkins

