Natsume Sōseki (夏目漱石)
Uit GeschiedenisJapan
Natsume Kinnosuke (夏目金之助, 9 februari 1867 - 9 december 1916) was een Japanse schrijver en essayist. Hij schreef onder de naam Natsume Sōseki (夏目漱石) en wordt beschouwd als de bekendste en belangrijkste schrijver van de Meiji-periode (明治時代)[1]. Hij schreef vooral over de problemen die de modernisatie van Japan met zich meebrengt en "Kokoro" (こころ) (1914) wordt beschouwd als zijn bekendste novelle. Samen met Mori Ogai (森鴎外) (1862-1922) wordt hij gezien als de vader van het Modernisme in de Japanse literatuur.
Inhoud |
Biografie
Natsume Sōseki werd geboren op 9 februari 1867 onder de naam Natsume Kinosuke in Edo (江戸)[2] als kind van een samoerai (侍)[3] familie. Hij was de jongste van zes kinderen. Aangezien beide ouders een respectabele leeftijd bereikt hadden, besloten ze Sōseki bij een ander gezin te plaatsen. Ze wilden hem namelijk niet als een “ongewild” kind opvoeden. Op tweejarige leeftijd werd Natsume geplaatst bij een kinderloos koppel; Shiobara Masanosuke en zijn vrouw. Zeven jaar later keert Sōseki terug naar zijn biologische ouders. Zijn moeder stierf toen hij veertien jaar oud was en in zijn latere novelles zou het onderwerp van de relatie tussen ouders en hun kinderen nog terugkomen.
“Mijn ouders behandelden me niet zoals ze dat normaal doen bij hun jongste kinderen. Ik herinner me vooral dat mijn vader me vrij streng behandelde.”
Sōseki groeide op in een periode van grote veranderingen in de Japanse cultuur en maatschappij. Hij ging naar een middelbare school in Tokyo waar hij in contact kwam met Chinese literatuur. Door deze literatuur begon hij er zelf ook over te denken om schrijver te worden, maar dit werd echter streng afgekeurd door zijn familie.
“Mijn grootste hobby op de middelbare school was nietsdoen, ik werkte werkelijk zeer weinig.”
In september van het jaar 1884 trad Sōseki toe tot de universiteit van Tokyo[4]. Toen had hij de ambitie om architect te worden. Bijgevolg studeerde hij Engels omdat hij dacht dat het van pas zou kunnen komen in zijn toekomstige carrière. In 1887, op negentienjarige leeftijd, ontmoette hij de schrijver Masaoka Shiki (正岡子規) die hem aanmoedigde om novellist te worden. Shiki leerde hem kunst van Haiku (俳句)[5] en in dezelfde periode nam hij de naam Natsume Sōseki [6] aan.
In 1890 trad Sōseki toe tot het Engelse literatuur departement en al snel werd hij een meester in het beheersen van de Engelse taal. Hij studeerde af in 1892 en werkte een tijdje als leerkracht in de Hogeschool van Tokyo (東京専門学校). Hierna werkte hij verder nog als leerkracht in Matsuyama (松山) middelbaar onderwijs (松山東高等学校) in Shikoku (四国). Tijdens zijn werk als leerkracht, publiceerde hij Haiku en Chinese poëzie in een aantal kranten en tijdschriften. In 1896 huwde hij Natsume Kyōko (夏目鏡子) en settelde zich in Kumamoto (熊本).
Mori Ogai en Natsume Sōseki
Hoewel Mori Ogai[7] meestal in één adem met Sōseki genoemd wordt als het gaat om Modernisme in Japan, verzette hij zich toch sterk tegen de denkbeelden van Sōseki. Ogai vond de moraal van de staat belangrijker dan deze van het volk en stelde hiermee de staat voor als superieur; hij stelde haar als voorbeeld. Sōseki was meer individualistisch en beweerde exact het tegenovergestelde. De stroming van Mori Ogai kreeg tenslotte toch de overhand en het Japans nationalisme groeide. Deze stroming was gebaseerd op het idee van de opoffering van het individu voor het welzijn van de groep of gemeenschap. Hiermee werd het westerse “individualisme” lijnrecht tegenover de oosterse “zelfopoffering” geplaatst. Japan geraakte langzaamaan weer in een geestelijke atmosfeer die niet veel afweek van die van de periode van het feodale regime van de achtereenvolgende Bakufu (幕府)[8] die, van 1185 tot 1868, over de lotgevallen van Japan beslist hadden. De eigenlijke Japanse aard was niet veranderd, ze had zich simpelweg aangepast.
Leven in Engeland
In 1900 ontving Sōseki een overheidsbeurs en vertrok hij voor twee, ongelukkige, jaren naar Engeland. De tijd die hij daar doorbracht spendeerde hij aan schrijven en lezen. Tegelijkertijd probeerde hij een literaire theorie te ontwikkelen die de Japanse traditie zou binden met een westerse visie. Zijn reflecties op zijn leven in Engeland werden gepubliceerd in de Asahi Shimbun (朝日新聞)[9] in 1909.
“De twee jaar die ik in Londen doorbracht waren de minst aangename uit mijn hele leven. Tussen de Engelse ‘gentlemen’ leefde ik in armoede zoals een zielige hond die voor een roedel wolven gegooid wordt.”
Na zijn terugkeer naar Japan werd hij professor aan de Teikoku Universiteit (帝国大学)[10], waar hij de vakken literatuurwetenschap en Engelse literatuur doceerde. Hij volgde hiermee de Amerikaanse schrijver Lafcadio Hearn op.
Carrière als schrijver
Sōseki's eerste grote werk was "Wagahai wa neko de aru" (吾輩は猫である)[11] (1905). Een kortverhaal geschreven vanuit het standpunt van een voormalige straatkat. In dit verhaal komen een aantal elementen aan bod die beschouwd kunnen worden als zelfironie. De eigenaar van de kat in het verhaal, de heer Kushami (苦沙弥), is als het ware ironisch portret van Sōseki zelf. Noemenswaardig is het feit dat hij zelf ook een kat als huisdier had. Het verhaal, dat eerst gepubliceerd werd in een literair magazine genaamd "Hototogisu" (ホトトギス), tussen 1905 en 1906 voor het in boekvorm uitgebracht werd, werd een groot succes.
In "Botchan" (坊っちゃん)[12], dat hij schreef in 1906, keert Sōseki terug naar zijn leven als leerkracht. De protagonist van dit verhaal zegt in het begin, ”Al vanaf mijn kindertijd, heeft mijn roekeloosheid me niets dan slechts gebracht.” en hiermee zet Sōseki de trend van wat een onderwerp zal worden in veel van zijn latere novelles, namelijk het feit dat hij noch door zijn moeder, noch door zijn vader geapprecieerd werd. Zijn moeder had meer oog voor zijn oudere broer en zijn vader zei simpelweg dat hij nooit iets zou bereiken in zijn leven. Dit type, een buitenbeentje, zou overheersen in zijn volgende romans. In "Nowaki" (野分) (1907) is de hoofdpersoon een arme, jonge man met tuberculose die we volgen in de laatste dagen van zijn leven; in, het gedeeltelijk humoristische, "Sanshiro" (三四郎) (1908) verschijnt een verlegen, kneuterige tiener en in "Kofu" (坑夫) (1908) zien we een jonge man die wegloopt van thuis.
In 1907 heeft hij zijn reputatie als schrijver gevestigd en stopt Sōseki met lesgeven. Hij richt zich nu volledig op het schrijven en gaat werken bij Asahi Shimbum. Vanaf dat jaar stond heel zijn leven in het teken van schrijven, tot zijn dood in 1916.
Sōseki’s vroege werken waren vooral gericht op satire en humor, maar vanaf "Kofu", verschenen er donkere tonen in zijn verhalen. Een belangrijk onderwerp werd het conflict tussen de individuele noden van de mens en eisen van de maatschappij. Veel van zijn protagonisten kregen te kampen met schuldgevoelens en vervreemding van hun familie en traditie na het volgen van hun persoonlijke wensen en gevoelens.
Andere overheersende onderwerpen in zijn boeken waren gewone mensen vechtend tegen de financiële barrière, het conflict tussen plicht en verlangen, loyaliteit en groepsmentaliteit tegenover vrijheid en individualiteit, persoonlijke isolatie en vervreemding, de snelgroeiende industrialisatie en verwesterlijking van Japan en zijn sociale gevolgen en een pessimistisch kijk op de menselijke natuur. Deze dilemma’s drukte Sōseki uit in de slogan “Sukuten kyoshi” [13].
"Kokoro"[14], een roman met als hoofdpersonage een weduwe met slechts één dochter, wordt beschouwd als Sōseki’s meeste bekendste belangrijkste werk. Hierin wordt de moeder verscheurd tussen twee keuzes voor haar dochter: Zal zij haar dochter als vrouw naar een andere familie sturen of zal zij een echtgenoot adopteren die dan in haar eigen huis komt wonen. De nieuwe mobiliteit van de maatschappij was trouwens een belangrijke factor in het verdwijnen van de traditionele huwelijken. Vroeger waren de jongelui gewend binnen hetzelfde dorp of district met elkaar om te gaan of elkaar te ontmoeten in groepen die met elkaar te maken hadden met het oog op min of meer godsdienstige getinte feestelijkheden. De verbintenissen vonden altijd op eenzelfde niveau, binnen dezelfde klassen plaats.
Maar in de hogere klassen, vooral die van de heersende samoerai, was het dikwijls moeilijk een partner in hetzelfde dorp of dezelfde groep dorpen te vinden die tot dezelfde klasse behoorde. De jonge samoerai die wilden trouwen moesten dan elders een partner gaan zoeken met een sociale status die gelijk was aan die van henzelf.
Werken
- I am a cat (吾輩は猫である, 1905)
- Hototogisu (ホトトギス, 1905)
- London Tower (倫敦塔, 1905)
- Botchan (坊っちゃん, 1906)
- The Three-Cornered World (草枕, 1906)
- The Heredity of Taste (趣味の遺伝, 1906)
- The 210th Day (二百十日, 1906)
- The Poppy (虞美人草, 1907)
- Kofu (坑夫, 1908)
- Ten Nights of Dream (夢十夜, 1908)
- Sanshiro (三四郎, 1908)
- And Then (それから, 1909)
- The gate (門, 1910)
- To the Spring Equinox and Beyond (彼岸過迄, 1912)
- The Wayfarer (行人, 1912)
- Kokoro (こころ, 1914)
- My Individualism (私の個人主義, 1914)
- Grass on the Wayside (道草, 1915)
- Inside My Glass Doors (硝子戸の中, 1915)
- Light and darkness (明暗, 1916)
Voetnoten
- ↑ De Meiji-periode (明治時代, Meiji-jidai) is een periode in de Japanse geschiedenis, die begon bij de restauratie van de Meijikeizer, naar het (iets minder symbolische) centrum van de macht in 1868, en duurde tot de dood van deze keizer in 1912.
- ↑ Het hedendaagse Tokyo.
- ↑ Samoerai: Lid van de stand van de vroegere Japanse ridders; Japanse krijgsadel.
- ↑ De Universiteit van Tokio (東京大学, Tōkyō daigaku), vaak afgekort tot Todai (東大, Tōdai), is een grote universiteit in Tokio (Japan). De universiteit werd in 1877 opgericht door de Meiji-regering. In 1886 kreeg de universiteit de naam Keizerlijke Universiteit (帝国大学, Teikoku daigaku)", en in 1887 Keizerlijke universiteit van Tokio (東京帝国大学, Tōkyō teikoku daigaku), als onderdeel van de invoering van een stelsel van keizerlijke universiteiten.
- ↑ Een vorm van Japanse dichtkunst, geschreven in drie regels van 5,7 en 5 lettergrepen. De Haiku drukt, in de klassieke vorm, een ogenblikervaring uit, soms gelinkt aan en geïnspireerd door Zen. De Haiku is een vingerhoed vol emotie, waarin weinig ruimte is voor ontledingen en benaderende omschrijvingen.
- ↑ Een Chinees idioom dat “koppig” betekend.
- ↑ http://en.wikipedia.org/wiki/Mori_%C5%8Cgai
- ↑ Het administratieve regeringsapparaat van Japan in de Edoperiode ten dienste van de Shogun. Bakufu betekent letterlijk "Regering onder de tent".
- ↑ Asahi Shimbun (朝日新聞) is de op een na grootste krant van de vijf nationale kranten van Japan.
- ↑ De toenmalige naam van de huidig Universiteit van Tokio.
- ↑ http://en.wikipedia.org/wiki/I_Am_a_Cat
- ↑ http://en.wikipedia.org/wiki/Botchan
- ↑ Volg de hemel, doe afstand van het eigen ik.
- ↑ http://en.wikipedia.org/wiki/Kokoro
Bronvermelding
Boeken
- Louis Frédéric. Het dagelijks leven in Japan 1868-1912, Hollandia.
- Richard Bowring en Peter Kornicki. The Cambridge Encyclopedia of Japan, Cambridge University Press.
- 五味文彦,斉藤功,高橋進,ほか45名,新しい社会歴史,中学校社会科書 文部科学省検定済教科書,2,東書,歴史709,2007年2月.
- 佐々木毅,岩田一彦,谷川彰英,ほか40名,新しい社会6上,小学校教科書,小学校社会科用 文部科学省検定済教科書,2,東書,社会611,2006年2月.
- Willy Vande Walle. Van samurai tot soft power, Katholieke Universiteit Leuven (acco), 2007.
- Karel Hellemans. Inleiding tot de Japanse Culuur, Katholieke Universiteit Leuven, 2006.
Elektronische bronnen
- Website van Kamakura (鎌倉)<http://www.city.kamakura.kanagawa.jp/> (2/12/2007).
- Aozora Bunko (青空文庫)<http://aozora.gr.jp> (2/12/2007).
- Wikipedia 2007.Natsume Kinnosuke (夏目金之助) Wikipedia(ウィキペディア、フリー百科事典), <http://ja.wikipedia.org/wiki/%E5%A4%8F%E7%9B%AE%E6%BC%B1%E7%9F%B3> (4/12/2007).

