Mitsubishi (三菱)

Uit GeschiedenisJapan

Mitsubishi werd in het begin van de jaren 1870 opgericht door Iwasaki Yatarō (岩崎 弥太郎, 9 januari 1835 - 7 februari 1885). Het bedrijf groeide uit tot een zaibatsu (財閥) tijdens het vooroorlogse Japan en tot een keiretsu (系列) na de Tweede Wereldoorlog.

Inhoud

Geschiedenis

Meiji-periode

Iwasaki Yatarō (岩崎 弥太郎)

Begin jaren '70 zette de Meiji-regering een punt achter de domein-geleide bedrijven[1]. Het handel en maritiem transport bedrijf van de Tosa provincie (土佐国), de huidige Kōchi Prefectuur (高知県), werd gereorganiseerd als een semi-publieke onderneming onder leiding van Iwasaki Yatarō.

Toen de regering de domeinen in 1870 afschafte en verving door prefecturen, ontving het bedrijf 11 schepen en andere faciliteiten. In 1873 doopte Iwasaki Yatarō het bedrijf Mitsubishi Shōkai (三菱紹介, Mitsubishi Commercial Company) De Taiwan Expeditie van 1874 was erg gunstig voor het bedrijf, dat 13 nieuwe schepen verwierf. In 1875 werd het bedrijf hernoemd naar Mitsubishi Kisen Kaisha (三菱汽船会社, Mitsubishi Steamship Company) Bij het neerslaan van de Satsuma Rebellie in 1877 vergaarde Mitsubishi opnieuw significante activa.

Mitsubishi's rivaal, Mitsu, overtuigde de regering in 1882 om te assisteren in de creatie van een tweede stoomschip bedrijf: het Kyōdō Unyu Kaisha (共同運輸会社, Kyōdō Transport Company). De twee maritiem transport bedrijven fusioneerden in 1885 tot het Nippon Yūsan Kaisha (日本有産会社, NYK) dat onder de facto leiding van Mitsubishi stond.

Diversificatie van de activiteiten

Iwasaki Yatarō begon reeds snel met het diversifiëren van zijn activiteiten. In 1873 zette Mitsubishi een stap in de mijnbouw na het verwerven van de Yoshioka (吉岡) kopermijn te Akita (秋田). In 1881 kocht het bedrijf de Takashima (竹島) steenkoolmijn te Nagasaki (長崎). In 1880 betrad Mitsubishi ook de wissel- en kredietmarkt samen met warehousing activiteiten.

Toen Iwasaki Yanosuke (岩崎 弥之助, 8 februari 1851 - 25 maart 1908) zijn broer opvolgde, betrad Mitsubishi volledig de financiële markt door het verwerven van managementrechten over de 119th National Bank van Japan. In 1887 kocht Mitsubishi de scheepswerf van Nagasaki dat ze reeds 3 jaar huurde van de regering. In datzelfde jaar werd de onderneming tevens actief in de vastgoedsector na de aankoop van overheidsgronden te Chiyoda-ku, Tokyo (千代田区, 東京) die het ontwikkelde tot het Marunouchi Business District[2] (丸の内) gelegen tussen Tokio Station en het Imperial Palace.

Evolutie naar een modern bedrijf

Toen in 1893 de vennootschapsvoorzieningen van het Commercial Code in werking traden, creëerde Iwasaki Yanosuke Mitsubishi Gōshi Kaishi (三菱合資会社, Mitsubishi Ltd). De verschillende bedrijven werden divisies onder dit partnership. Tijdens en na de Eerste Wereldoorlog werden deze divisies weer één voor één geïntegreerd.

Onder Iwasaki Koyata (岩崎 小彌太) creëerde Mitsubishi joint-stock[3] bedrijven die beheerd werden door het bezit van de meerderheid van de aandelen. Tussen 1917 en 1919 splitsten zich 7 dochterondernemingen van Mitsubishi af. Tussen 1919 en 1921 werden Mitsubishi Internal Combustion Engine,het latere Mitsubishi Aircraft en Mitsubishi Electric Corporation opgericht. In 1934 ontstond Mitsubishi Heavy Industries als resultaat van een fusie tussen Mitsubishi Shipbuilding & Engineering en Mitsubishi Aircraft.

Ter voorbereiding op de Tweede Wereldoorlog groeiden de verschillende Mitsubishi ondernemingen aanzienlijk, zowel binnen als buiten Japan. Tegen het einde van de oorlog controleerde de groep 209 bedrijven. Tussen 1946 en 1950 werd het Mitsubishi zaibatsu opgebroken door de Zaibatsu Ontmantelingspolitiek tijdens de Amerikaanse bezetting. Sinds de jaren '50 zijn ze los geaffilieerd als een keiretsu.

Politieke en economische belangen

De greep van de zaibatsu

Japan's oorlogeconomie werd gedomineerd door de zaibatsu. Dit uitte zich op drie verschillende wijzen.

Ten eerste bepaalden ze de koers en het doel van het beleid van de Japanse oorlogseconomie. Op het vlak van beleid wisten de Zaibatsu hun programma door te drijven zelfs al stuitten ze op verzet van sommige regeringsfunctionarissen, met name het leger. Hun overwinning over het Industrial Control Agency zorgde er echter voor een ongunstig effect op de industriële mobilisatie gedurende de oorlog. Pas in 1944 kon het pas opgerichte Ministerie van Munitie een adequaat industrieel beleid voeren.

Verder wisten de zaibatsu echter ook de hogere functionarissen van het ministerie te benoemen, waardoor ze het beleid naar hun hand konden zetten met een enorme uitbreiding van de munitie en aanverwante industrieën tot gevolg. Grote ondernemingen absorbeerden kleinere spelers en concurrenten en breidden zich zo steeds verder uit. De sectoren waar deze explosieve groei voorkwam waren de munitie-industrie, grondstoffen, machinebouw, motorisatie, arbeid en financiën.

De derde manifestatie van hun invloed werd zichtbaar toen men in 1945 stilaan inzag dat Japan de oorlog zou verliezen. Omdat de zaibatsu massieve B-29 raids vreesde op hun vestigingen, lobbyden ze voor de nationalisatie van de industrie. Dit betekende dat de fabrieken tijdelijk in de handen van de overheid kwamen en dat de staat de eventuele schade en verliezen zou dekken. Het operationele beleid van de bedrijven bleef echter in handen van de bedrijfsleiders. Na de oorlog en nadat alle schade dedekt werd, kwamen de fabrieken terug in handen van de zaibatsu. In tegenstelling tot het Industrial Control Agency en het Ministerie van Munitie wisten de zaibatsu zelf adequaat te reageren en de juiste productiebeslissingen te nemen tijdens de vernietigende bombardementen.

Tussen 1941 en 1945 slaagden de zaibatsu er dus in om de overheidscontrole naar hun eisen te buigen.

Ook financieel waren de zaibatsu zeer machtig geworden. Samen bezaten ze 78% van de spaardeposito's. Mitsubishi bekleedde de derde plaats.

Waarde spaardeposito's
Teikoku (Mitsui)6,430,000,000 円
Yasuda5,721,000,000 円
Mitsubishi5,621,000,000 円
Sanwa (Yamaguchi)4,820,000,000 円
Sumitomo4,745,000,000 円

Mitsubishi, een speler van formaat?

De uitgebreide zware industrie van Mitsubishi zorgde ervoor dan dit bedrijf het maximale voordeel uit de oorlog wist te halen. Tegen eind 1942 bedroeg het kapitaal voor Mitsubishi's mijnbouw, electriciteits-, petrochemische en staalsector 400.000.000 円. Mitsubishi Heavy Industries had een kapitaal van 240.000.000 円 in 1942. Tegen eind 1945 was dit gegroeid tot 1.000.000.000 円 Mitsubishi kreeg zelfs een toekenning voor haar uitmuntende bijdrage aan de oorlogsinspanningen, mede dankzij de vliegtuigbouw.

Oorlog en de zware industrie

Grimmige vooruitzichten voor de Zaibatsu

De zaibatsu kwamen terecht in een neerwaartse spiraal toen de Japanse economie in 1930 in de zogenaamde "Shōwa Depressie" terechtkwam. Deze depressie werd veroorzaakt door twee factoren:

  • De gevolgen van de Wall Street Crash van 1929 bereikten Japan in gedurende deze periode.
  • Het opheffen van goud embargo(金解禁)[4] begin 1930 door de Japanse regering had catastrofale gevolgen.

De frustratie over de ineffectiviteit en corruptie van het Partij Kabinet dat Japan sinds 1932 bestuurde, intensifiëerde de kritiek van de bevolking ten aanzien van de zaibatsu die de grootste financiële contribuanten waren van de politieke partijen. In 1930 ontstonden er anti-zaibatsu bewegingen. Zij verweten de zaibatsu het inkopen van Amerikaanse dollars voor de afschaffing van de goudstandaard tegen het einde van 1931. Ze zouden hierdoor enorme winsten hebben geboekt. De Mitsui Bank werd aangevallen door de anti-zaibatsu beweging voor haar verraderlijke activiteiten. In feite had Mitsui Bank gedurende de laatste twee kwartalen een verlies van 12,000,000円 geboekt. In 1932 radicaliseerde de anti-zaibatsu beweging volledig toen een rechtse terroristische factie de executive director van Mitsui Gōmei, Mitsui Dan, vermoordde. Sinds deze aanslag herzag Mitsui haar beleid en verkocht aandelen van haar dochterondernemingen aan het publiek om zo de kritiek ten aanzien van de zaibatsu te temperen. Tevens zorgde dit voor een instroom van nieuw kapitaal. Voorts gingen de zaibatsu met het leger samenwerken. De samenwerking met het leger zorgde niet enkel voor winst, mede door de militaire expansie in Manchukuo, maar zorgde eveneens voor hun blijk van patriottisme in de ogen van de bevolking. Deze beleidsstrategie werd ook door Mitsubishi toegepast.

Mitsubishi Heavy Industries groeit

Naargelang Japan na 1937 steeds dieper in de oorlog betrokken werd begonnen de zaibatsu te lijden onder het gebrek aan kapitaal voor hun zware industrie. Na de Eerste Wereldoorlog had Mitsubishi een deel van haar aandelen verhandeld aan het publiek. Zeker in het geval van de Mitsubishi bank werd het duidelijk dat het aanbod van aandelen in contrast stond met het kapitaal dat de Iwasaki familie kon aanvoeren. Het kapitaal van de aandeelhouders overtrof dat van de Iwasaki familie voor Mitsubishi Heavy Industries. De zware industrie maakte in 1929 32% uit van de productie. In 1937 was dit gegroeid naar 61%

Mitsubishi's enorme middelen hadden ervoor gezorgd dat het alsnog als laatkomer succesvol de zware industriële sector kon betreden. Bij de intensifiëring van de oorlogssituatie kwam er een veel grotere betrokkenheid voor de zware industrie. Zoals onderstaande tabel illustreert, vertienvoudigde het paid-in kapitaal van Mitsubishi Heavy Industry tussen 1937 en 1945. De totale hoeveelheid kapitaal werd bijna vervijfvoudigd tijdens deze periode.

Gestort (paid-in) kapitaal (1.000.000円)
Sector 1937 1945
Zware Industrie 15627,2% 1,59058.9%
Mijnbouw 10618.5% 27410.1%
Lichte Industrie 6611.5% 732.7%
Financiën 12722.1% 1595.9%
Andere 11820.6% 60422.4%
Totaal 574100% 2,700100%

Mitsubishi's Oorlogsinspanningen

Het slagschip "Musashi"

Veel van deze groei van de zware industrie was te danken aan de betrokkenheid van militair-gerelateerde bedrijven. De belangrijkste oorlogsinspanning werd geleverd door Mitsubishi Heavy Industries. Het bedrijf produceerde de oorlogsschepen en vliegtuigen die de speerpunt van de Japanse militaire expansie vormden. Gedurende de Tweede Wereldoorlog leverde Mitsubishi Heavy Industries 30% van alle vliegtuigen.

Mitsubishi A6M Zero Model 52

Mitsubishi is vooral gerenommeerd voor de bouw van het slagschip Musashi[5] en de Mitsubishi A6M, beter bekend als Mitsubishi Zero[6].

Andere zaibatsu pikten een graantje mee van het succes van Mitsubishi Heavy Industries. Zo leverde Sumitomo[7] bijvoorbeeld het duraluminium[8](ESD) voor de Zero.

Oorlogsmisdaden

De Oryoku Maru, een luxe cruiseschip dat werd gebruikt als hell ship.

Japan heeft onmiskenbaar gebruik gemaakt van dwangarbeiders tijdens de oorlogsjaren in een groot deel van Azië dat onder Japanse controle stond. De zaibatsu, waaronder Mitsubishi hebben hun handen hier ook aan vuil gemaakt. Tegenwoordig krijgen de Japanse bedrijven hier de rekening voor gepresenteerd. Zo werd onlangs op 29 maart 2006 een klacht ingediend bij de rechtbank van het Fukuoka District tegen Mitsubishi door Chinese dwangarbeiders. Het schokkende aan dit proces was dat Mitsubishi de door de rechtbanken algemeen aanvaardde feiten volledig ontkende. Ze gingen zelfs zover dat ze de Japanse invasie in China in vraag stelden. Een erkenning door de rechtbank en het vergoeding afdwingen zou een fout zijn die Japan nog jaren zou kunnen achtervolgen.

Mitsubishi bekleed een unieke plaats in de bedrijfsgeschiedenis van Japan gedurende de Tweede Wereldoorlog. Mitsubishi bezat niet minder dan 17 hell ships of Jigoku sen [9]. Mitsubishi maakte gebruik van deze krijgsgevangenen over een uitgestrekter gebied dan de andere zaibatsu destijds.

Dwangarbeiders leggen de Dodenspoorlijn aan.
Mitsubishi is tevens ook verantwoordelijk voor het leveren van het materiaal gebruikt tijdens de aanleg van de 415km lange Dodenspoorlijn[10] tussen Bangkok, Thailand en Rangoon, Myanmar. Niet minder dan 200,000 Aziatische en 60,000 geallieerde dwangarbeiders hebben hieraan gewerkt. 100,000 van de Aziatische en 15,000 van geallieerde dwangarbeiders zijn gestorven als direct gevolg van de onmenselijke werkomstandigheden.

De Mitsubishi faciliteiten nabij Mukden worden beschouwd als de plaats waar Eenheid 731[11] de meest frequente en systematische medische experimenten uitvoerde op Amerikaanse krijgsgevangenen.

Er zijn nog vele andere incidenten waarbij Mitsubishi met de vinger gewezen wordt, maar tot op de dag van vandaag worden alle aanklachten systematisch ontkent en weet het bedrijf zelfs zijn aanklagers te discrediteren om zo vrijuit te gaan. Deze situatie is nog steeds een oorzaak voor de moeilijke betrekkingen die Japan heeft met zijn buurlanden.

Voetnoten

  1. Voor 1868 werd Japan geregeerd door de shōgun en was het land onderverdeeld in domeinen die bestuurd werden door een daimyō. Deze daimyō moesten inkomsten vergaren om hun werknemers te betalen, zoals bijvoorbeeld de samurai. Zo hielden ze zich ook bezig met handel en nijverheid en werden de bedrijven die voor de inkomsten van de daimyō zorgden geleid door het domein.
  2. http://en.wikipedia.org/wiki/Marunouchi
  3. Een joint-stock bedrijf, ook wel Kabushiki Gaisha genoemd, is een bedrijfsvorm die we in België kennen onder de term Naamloze Vennootschap. Het is de meest voorkomende juridische vorm van bedrijven in Japan. http://en.wikipedia.org/wiki/Kabushiki_kaisha
  4. In september 1917 volgde Japan de Verenigde Staten om een goud embargo in het leven te roepen. De Verenigde Staten hief het embargo op in 1919 en de Europese mogendheden die opgelegde embargo's hadden na de Eerste Wereldoorlog hieven ook hun embargo geleidelijk aan op. De Japanse regering vrees echter dat een terugkeer naar de goudstandaard voor een neerwaartse spiraal in de economie zou zorgen en stelde het opheffen van het goud embargo uit tot januari 1930.
  5. http://nl.wikipedia.org/wiki/Musashi_(slagschip)
  6. http://nl.wikipedia.org/wiki/Mitsubishi_Zero
  7. http://en.wikipedia.org/wiki/Sumitomo_Group
  8. Legering van koper en aluminium, licht maar zeer sterk, gebruikt voor vliegtuigen en auto`s, genoemd naar de stad Düren in Duitsland.
  9. De term Jigoku sen, oftewel hell ship, refereert naar eender welk schip dat gebruikt werd door het Imperial Japanese Navy om geallieerde krijgsgevangenen te vervoeren vanuit de Filippijnen, Hong Kong en Singapore. Deze krijgsgevangenen werden naar Japan, Taiwan, Machuria of Korea gebracht en tewerkgesteld als dwangarbeiders. http://en.wikipedia.org/wiki/Hellship
  10. http://nl.wikipedia.org/wiki/Dodenspoorlijn
  11. http://nl.wikipedia.org/wiki/Unit_731

Bronnen

  • Hidemasa, Morikawa, Zaibatsu, The Rise and Fall of Family Enterprise Groups in Japan, University of Tokyo Press, 1993, ISBN 0-86008-488-4
  • National Diet Library, http://www.ndl.go.jp, 2007
  • Willy, Vande Walle, Een Geschiedenis van Japan, Van Samurai tot Soft Power, Uitgeverij Acco, 2007
  • Japan: An Illustrated Encyclopedia, Kodansha, 1993, ISBN 4-06-931098-3
  • Robert, C. Hsu, The MIT Encyclopedia of Japanese Economy, 1999, ISBN 0-262-08280-2
  • Mitsubishi, http://www.mitsubishi.com
  • Mitsubishi, Historical Revisionism and Japanese Corporate Resistance to Chinese Forced Labor Redress Z Magazine