Kokujin-opstand

Uit GeschiedenisJapan

De kokujin-opstand was een opstand van de onderdanen tegen hun meesters op het niveau van de provincies.Deze brak eind 1485 uit. Dit kwam omdat op het gebied van de kokujin, meesters van kleinere domeinen, verscheidene problemen waren. Ze gebruikten hun land vaak voor verschillende soorten van landbouw. Ze probeerde steeds om meer macht en rijkdom te verkrijgen.</ref> De verschillende rivaliserende facties van de Hatakeyama clan[1] waren hun strijd aan het uitvechten. De kokujin besloten om samen met de lokale boeren een verbond te maken en verzetten zich tegen de Hatakeyama-clan.

Inhoud

Aanleiding

In 1485 vond er in de provincie Yamashiro[2] een strijd plaats tussen verschillende delen van de Hatakeyama clan. Deze clan was verdeeld geraakt doordat er een vete was tussen de twee broers Ashikaga Takauji[3] en Tadayoshi[4] in in 1345. Deze veldslag werd verloren door Takauji, deze besloot om zich daarna te vestigen in Nihonmatsu[5]. Toch beschouwde dit deel van de Hatakeyama clan zich nog altijd als het hoofd van de clan. De vete tussen deze twee facties van de Hatakeyama clan was nog altijd bezig in 1485 en zorgde in Yamashiro voor de dood van heel wat onschuldige mensen en veel vernieling.

De kokujin konden dit niet langer aanzien. Een paar van de machtigste kokujin (de Date en de Ashina) besloten om een verbond te maken met de lokale boeren, die heel hard leden onder deze strijd.

Eisen van de kokujin

De kokujin hadden samen met de lokale boeren drie eisen opgesteld voor de Hatakeyama clan. Namelijk:

  1. Beiden legers moesten zich terugtrekken uit Yamashiro, zodanig er eindelijk een einde kwam aan de dood en vernieling die ze daar zaaiden onder de gewone bevolking.
  2. De kokujin eiste ook dat ze alle tempels en honjo die ze vernield hadden op het gebied van de provincie Yamashiro terug opbouwde.
  3. De Hatakeyama clan moest de tolkantoren ontmantelen.

Resultaat

De leden van de Hatakeyama clan gehoorzaamde aan de eisen van de plaatselijke kokujin.

Het volk in Yamashiro probeerde een tijdje om zichzelf te besturen. Je kon hun vorm van bestuur misschien wel al een beetje plaatsen onder de term democratie. Dit heeft twee reden:

  1. Als eerste hadden ze een gemeenschappelijke raad opgericht die bestond uit 56 leden van de kokujin. Deze raad moest dienst doen als beslissingsorgaan en uitvoerend orgaan.
  2. Ten tweede was er in de gemeenschappelijke raad ook een maandelijkse beurtrol vastgelegd.

Deze vorm van zelfbesturing duurde echter niet voor eeuwig: acht jaar later traden de legers in dienst van een paar machtige daiymō[6].

Invloed van de opstand op de Japanse geschiedenis

De kuni-ikki (en ook de do-ikki[7]) hebben toch wel een grote invloed gehad op de geschiedenis van Japan. Het was in Japan een nog nooit gezien fenomeen dat de onderdanen in opstand kwamen tegen hun meesters. Dit fenomeen verspreidde zich dan ook razendsnel over heel Japan. Overal zag je vazallen die besloten om tegen hun leenheer in opstand te komen, maar ook was er sprake van rebellie van de kokujin tegen de landeigenaars. Iedereen begon hun hogere te negeren. Dit zorgde er dan ook voor dat de keizer op een bepaald moment helemaal geen controle meer had over zijn land. De hele Japanse samenleving was één grote chaos geworden. Een goed voorbeeld om heel deze situatie te omschrijven, waren de nieuwe tolkantoren die in 1489 geplaatst werden aan de poorten van Kyoto. Het volk heeft deze gewoonweg vernietigd.

De kokujin opstand zelf heeft ervoor gezorgd dat dit fenomeen nog wat meer verspreid werd doorheen Japan. Maar uiteindelijk doofde deze toestand langzaam uit. Dit kwam omdat het zelfbestuur van de onderdanen nu eenmaal niet zo vlot verliep als gehoopt. De meesters namen na een tijdje dus gewoon weer de macht over. De kokujin hadden uit heel deze strijd wel nog wat voordeel kunnen halen. Hun macht was nu lichtelijk groter dan voorheen.

We mogen de invloed van deze opstanden dus zeker niet onderschatten, want voor het eerst in de Japanse geschiedenis durfde de onderdanen opkomen tegen hun meesters.

Voetnoten

  1. Een Japanse samoerai-clan
  2. Vroeger een provincie van Japan in de buurt van het huidige Kyoto
  3. Leefde van 1305-1358. Hij was een Japanse generaal en de eerste shogun van het Ashikaga-shogunaat.
  4. Leefde van 1306 tot 1352.
  5. Een stad in de prefectuur Fukushima.
  6. Een Japanse krijgsheer behorende tot de samoerai klasse.
  7. Net zoals bij de kuni-ikki is er hier sprake van een opstand tegen hun meesters, maar dit is meer plaatselijk. Het is dus geen hele provincie die in opstand komt.

Bibliografie

Boeken

  • Vande Walle, Willy. Een geschiedenis van Japan: Van samurai tot soft power, Acco Leuven / Den Haag, 2009
  • Van Goethem, Ellen. Nagaoka: Japan's Forgotten Capital, Leiden - Boston: Brill, 2008
  • Gotoda, Teruo. The Local Politics of Kyoto, Berkeley Center for Japanese Studies: Institute of the East Asian Studies University of California, 1985

Internetbronnen