Heian Cultuur - Algemene Kenmerken

Uit GeschiedenisJapan

De twee meest opvallende kenmerken van de Heian-cultuur zijn haar hoofse karakter en haar toenemende onafhankelijkheid ten overstaan van het Chinese voorbeeld. Het ware echter eenzijdig de Heian-cultuur in haar geheel onder die twee aspecten te willen onderbrengen. Dat het hoofse karakter zo opvalt is gedeeltelijk toe te schrijven aan het feit dat wij het beste geïnformeerd zijn over de hoofse kringen en de hoofdstedelijke aristocratie. Dat het er daarbuiten heel wat minder hoofs aan toe ging, staat buiten kijf, alleen hebben wij veel minder bronnen over die andere maatschappelijke groepen. Bovendien was op het gebied van cultuur de aristocratie uiteraard de meest productieve maatschappelijke groep. Wij mogen bijgevolg niet uit het oog verliezen dat wij in feite over de cultuur van een heel klein segment van de toenmalige Japanse bevolking aan het spreken zijn.

Evenmin mag men uit de voorgaande karakterisering afleiden dat Japan de Chinese cultuur over boord gooide. Niets is minder waar, en het ware bovendien ook niet mogelijk geweest, net zomin als de West-Europese cultuur denkbaar is zonder de Grieks-Romeinse en Joods-Christelijke erfenis. De negende eeuw was trouwens een periode van intense sinofilie. Wat wij echter bedoelen, is dat de leidende maatschappelijke groep, degenen die geletterd waren, minder en minder de Chinese cultuur als norm hanteren. Ook al is de klei van Chinese oorsprong, zij boetseren er een beeld naar eigen gelijkenis mee. Zij ontwikkelen een andere literaire en artistieke smaak dan de Chinezen, vervlechten elementen van Chinese oorsprong met inheemse tradities en, wellicht het belangrijkste van allemaal, gaan voor bepaalde vormen van literaire expressie de Japanse taal gebruiken.

Er heerste een eigenaardige en, het weze gezegd, gebrekkige vorm van tweetaligheid onder de Japanse aristocratische bevolkingslaag. Eigenaardig, omdat zij zich nooit van het Chinees als gesproken communicatiemiddel bediende. Het Chinees was een geleerde schrijftaal, in nog grotere mate dan het Latijn tijdens onze Middeleeuwen en Renaissance. Voor de Japanners was het nooit een levende taal, en daarom kenden de meesten haar maar gebrekkig. Iedereen sprak dus altijd Japans, maar deze taal werd tijdens de Nara-periode niet adequaat geacht als algemene schrijftaal. Vanaf de Heian-periode echter neemt het gebruik van het Japans als middel tot literaire expressie spectaculair toe. Dit hield niet in het minste verband met de uitvinding van een reeks eenvoudige symbolen voor het weergeven van de Japanse klanken, het welbekende kana 仮名 (tweede helft 9de eeuw).

Ook hier moeten wij weer waarschuwen voor veralgemening. Het Japans verdrong het klassiek Chinees als schrijftaal niet. Dit laatste bleef de taal van veel administratieve stukken, van de meeste godsdienstige teksten, van alles wat toen als wetenschap kon doorgaan, en in het algemeen van de mannenwereld en het publieke leven, hoewel hier dadelijk aan toegevoegd dient te worden dat het vaak een verjapanste vorm van klassiek Chinees (hentai kanbun 変体漢文) was. Het waren vooral vrouwen die zich, bij gebrek aan kennis van het Chinees, van het Japans gingen bedienen, en omdat zij geen publieke rol van betekenis speelden, schreven zij privé-dagboeken en een soort romaneske verhalen, die opvallen door hun poëtische zegging en verbluffende psychologische diepgang. Met de toenemende verspreiding van het Boeddhisme onder de bevolking groeide ook daar de nood aan teksten in de "volkstaal."


Hoofdstukken Syllabus tot 1868
tot 645| 645-784| Heian| Kamakura| Muromachi| Eenmaking | Edo