Heian-literatuur

Uit GeschiedenisJapan

Vrouwen schrijven in het Japans

Tijdens de Heian-periode neemt de literatuur een hoge vlucht. Terwijl het Chinees of een verjapanste versie ervan door mannen gebezigd wordt voor het schrijven van non-fiction, officiële documenten, dagboeken en sociale kritiek, maken hooggeboren dames gebruik van het Japans om zich onledig te houden met het schrijven van fictie, privé-dagboeken en analyses van het innerlijke en emotionele leven. De meeste door mannen geschreven geschriften hebben voor ons alleen nog maar historisch belang. Veel van de door vrouwen in kana te boek gestelde beschrijvingen en ontboezemingen bleken van zo'n hoog literair gehalte te zijn, dat ze ook nog de gesofisticeerde lezer van de twintigste eeuw in de ban weten te houden.

Veruit het belangrijkste literaire werk uit de Heian-periode is het lange romaneske verhaal getiteld Genji Monogatari 源氏物語, geschreven door Murasaki Shikibu 紫式部, een verre achternicht van Fujiwara no Michinaga. Zij behoorde bijgevolg tot een familie met een ontzagwekkende traditie van geleerde studies, en artistieke en literaire activiteit. Waarschijnlijk meer dan de helft van alle dichters en schrijvers uit de tijd van Murasaki Shikibu waren met de Fujiwara's verwant. De Fujiwara-clan was, buiten de keizerlijke clan, de belangrijkste van het land. Omdat die zo uitgebreid was, bestond er binnen de clan zelf een gedifferentieerde hiërarchie. Murasaki Shikibu was afkomstig van een jongere tak van de familie, die tot het tweede niveau van de hofadel behoorde. Haar vader bekleedde enkele eerder bescheidene ambten in de hoofdstad en was tweemaal provinciaal gouverneur. Hij was ambitieus en zag erop toe dat zijn kinderen een goede opvoeding genoten. Hij gaf zijn zoon een grondige opleiding in de Chinese klassieken.

De mannenwereld en vrouwenwereld waren helemaal gescheiden. Hofdames behoorden weliswaar tot de heersende klasse, maar waren totaal van de macht uitgesloten. Zij waren ook totaal van de mannenwereld en de buitenwereld afgesloten. De grenzen van het hof waren de grenzen van haar wereld. Door haar administratieve taken had de mannelijke aristocratie nog contact met de niet-adellijke buitenwereld. Vrouwen niet. In de vrouwenliteratuur van de Heian-periode komt dan ook zelden of niet een personage van lage afkomst voor. Men vindt er evenmin beschrijvingen van de politieke en sociale toestanden in de provinciën, noch van de landschappen of de levensstijl en de gevoelswereld van het gewone volk.

Voor een meisje was te veel kennis van het Klassiek Chinees geen troef, integendeel. Het werd als ongepast en onvrouwelijk beschouwd. Het rollenpatroon werd tot in de taal doorgetrokken. Dit weerhield Murasaki Shikibu er echter niet van om Chinees van haar broer te leren. Om Chinese boeken te kunnen lezen moest zij de afkeuring van andere hofdames en kamermeiden trotseren. Uit anekdotes blijkt zelfs dat sommige mannen een afkeer hadden van vrouwen die Chinese termen in hun taalgebruik opnamen, want dat vonden zij onvrouwelijk.

Thematiek van Genji Monogatari

Genji Monogatari wordt vaak getypeerd als een romance, hoewel het op grond van zijn psychologische complexiteit en diepgang ook verdient roman genoemd te worden. Het werk kwam over een langere periode tot stand, tijdens de eerste twee decennia van de elfde eeuw. Het werd voor 1022 voltooid. Hoofdpersonage is Hikaru Genji 光源氏, de “Schitterende Prins”, althans in de eerste veertig hoofdstukken. Hierin worden zijn liefdesavonturen en zijn ambtelijke loopbaan uitvoerig beschreven. De hoofdstukken 41 tot 53 handelen over enkele andere personages, na de plotse dood van Genji. In het werk wordt niet over bovennatuurlijke elementen gerept, wel over magische boeddhistische rituelen. De auteur concentreert zich op het dagelijkse leven. Wel hangt zij een geïdealiseerd beeld van Genji op: zijn voorkomen, zijn talenten, zijn artistieke begaafdheid en verfijning worden dik in de verf gezet. Ook prijst ze hem als minnaar. Hij wordt echter niet in moreel opzicht geïdealiseerd. Hij is zelfs vaak schuldig, en moet voor zijn "zonden" (bijvoorbeeld een affaire met de keizerin) boeten.

Genji Monogatari is een mengsel van objectieve beschrijving, woorden en gedichten van de personages, en de neerslag van hun innerlijke gevoelens. De gedachten en indrukken van de auteur die zich met haar held identificeert en de gedachten en indrukken van de held zelf liggen dicht bij elkaar. De auteur is sterk aanwezig en geeft coherentie, continuïteit en intimiteit aan de tekst. Omdat het Japans geregeld het onderwerp weglaat, en omdat zij met een beperkte woordenschat veel suggereert in plaats van expliciet te vermelden, is lectuur voor latere generaties geen sinecure gebleken. Voor het eigentijdse publiek, een zeer beperkte groep van mensen uit een zelfde milieu zal dat geen problemen opgeleverd hebben. De roman baadt in een sfeer van melancholie over het vlieden van de tijd en de vergankelijkheid der dingen, een door het Boeddhisme geïnspireerde levenshouding. Er is vaak sprake van boeddhistische rituelen, die volgens het Tantrisme magische uitwerking hebben in dit leven. Zij verzekeren genezing, goede bevalling, uitdrijving van kwade geesten etc. Daarnaast getuigt het werk ook van de toen reeds gangbare eschatologie: men hoopt na de dood in het Reine Land, het paradijs van de Boeddha Amida in het Westen, herboren te worden.


Hoofdstukken Syllabus tot 1868
tot 645| 645-784| Heian| Kamakura| Muromachi| Eenmaking | Edo