Hattori Hanzō (服部半蔵)

Uit GeschiedenisJapan

Excursus - Studentenbijdrage

Hattori Hanzō was een ninja die trouw was aan Tokugawa Ieyasu en hem heeft helpen vluchten naar Mikawa onmiddelijk na de dood van Oda Nobunaga in 1582.

Inhoud

Geschiedenis van de Hattori

Stamboom van de Hattori clan met hun 3 families: 上服部,中服部 en 下服部

Afstammelingen van Otomo

De Hattori familie is zonder twijfel de beroemste familie in Iga (伊賀国). Ze stamde af van Otomo no Hosoto, een beroemde krijger afkomstig van Ima no Kuni (近江国) onder leiding van Shōtoku Taishi (聖徳太子) (574-622). De Otomo (大伴氏) dienden ook nadien de keizerlijke familie wegens hun kennis in het oorlog voeren. Otomo no Hosoto was de eerste die een soort ninjutsu technieken introduceerde. Later zouden de zonen Hattori hun eigen familienaam mogen gebruiken.

Onstaan van de Hattori familie

Het was Iga Heinazae Mon No Jo Ienaga (1532-1534), een prominent lid van de Kumogakure ninja clan, die de oudste zoon Hattori Hei Taro Koreyuki het recht heeft gegeven om de naam Kamihattori (上服部) te gebruiken. De tweede zoon, Hattori Heijiro Yasuyori mocht Nakahattori (中服部) gebruiken en ten slotte mocht de jongste, Hattori Heijiro Yasunori de familienaam Shimohattori (下服部) gebruiken.

Het Mon van de Hattori

Elke familie had een eigen Mon of familiewapen, wat erop wijst dat ze dezelfde rang als die van samurai genoten. De Kimihattori hadden op hun mon Yahazu Nihon, de Nakahattori hadden Hitotsutomoe en de Shimohattori hadden Yagurama.
Yahazu Nihon betekent Twee Pijlen, Hitotsutomoe Eén Boog en Yagurama staat voor Acht pijlen in een ring.

Kamihattori's Yahazu Nihon (Twee pijlen)Nakahattori's Hitotsutomoe (Een boog)Shimohattori's Yagurama (Acht pijlen in een ring)

Oda Nobunaga en de Hattori

Na de inval van Oda Nobunaga (織田信長) in Iga (1568) bleven van de 3 Hattori takken slechts 80 mensen over. Ze vluchtten naar verschillende plekken in Japan. De Kamihattori vluchtten naar het dorp Nagaoka in Echigo en de Nakahattori vluchtten naar de Tanako bergen. De Shimohattori tak kreeg deels bescherming van de Ochi clan in het dorp Takatori in Yamato. De anderen vonden hun toevlucht bij de Matsudeira clan (de latere Tokugawa clan) in Mikawa. De Matsudeira's stammen af van de Kamihattori, maar het is onbekend of ze van Hei Taro's of Chigachi's tak afstammen. (Ref: Fachmagazin für Ninja, Ninjutsu und Kampfkunst)

Hattori Hanzō (1541-1596)

Portret van Hattori Hanzō

Trouw aan Ieyasu Tokugawa

Hattori Hanzō Masashige is wellicht de meest beroemde ninja uit de hele geschiedenis. Hij werd geboren in 1541 in Mikawa no Kuni (三河国), het oostelijke deel van het huidige Aichi prefectuur. Destijds was het de thuisbasis van Tokugawa Ieyasu (徳川 家康) vooraleer hij de Kanto regio controleerde. Van bij zijn geboorte was Hattori Hanzō een vazal van de Matsudeira clan (de latere Tokugawa) en was hij trouw aan hem. Hattori Hanzō's vader, Hattori Nazo Yasunaga, was het clanhoofd van één van de vele ninja clans waarvoor de Iga regio bekend was. Alhoewel hij opgevoed was in Mikawa ging hij dikwijls naar Iga, de thuisbasis van zijn familie.

Ninjutsu

Hattori Hanzō was een erg bedreven zwaardvechter, speervechter alsook een uitstekend strateeg. Ook was hij een meester in Ninjutsu (忍術). Telkens Hattori Hanzō in Iga verbleef werd hij getraind in verschillende technieken van Ninjutsu. Ook bij zijn heer werd hij goed opgeleid. We kunnen zeggen dat Hattori Hanzō zo goed als opgevoed werd door martial arts.

Ninjutsu is één van de Japanse gevechtskunsten en staat in het teken van wat we tegenwoording spionage noemen. Ninjutsu bestond uit het ongemerkt infiltreren van vijandelijk gebied, het observeren van de vijand, geheime informatie ontvreemden alsook het elimineren van personen en raids uitvoeren. Ninjutsu kende een complex repertoire van truuks, strategieën en camouflage technieken om detectie door de vijand te verhinderen. Het gebruikte tevens een set van gespecialiseerde werktuigen. Ninjutsu kende zijn hoogtepunt gedurende de burgeroorlogen van de Sengoku periode (1467-1546). Alle nodige technieken voor Ninjutsu konden in een straal van 70km rondom Iga geleerd worden door de aanwezigheid van de vele scholen en instituten.

De Duivel Hanzō

Hattori Hanzō was ook gekend als Hattori Masanari (服部正成) of Hattori Masashige (服部元達). Door zijn wreedheid en gevechtstechniek kreeg hij bijnamen. Na zijn eerste veldsag werd hij Bakemono no Hanzō (Hanzō de Geest) genoemd. Later noemden ze hem meestal Oni no Hanzō (de Duivel Hanzō).

Hij maakte zijn eerste veldslag mee in 1557 op 16-jarige leeftijd. Het was gedurende de nacht dat Tokugawa Ieyasu, toen slechts 14 jaar, Uzuchijo in Migawa aanviel. Hattori Hanzō werd toen door Ieyasu Tokugawa erkend voor zijn vaardigheden. Nadien heeft hij ook meegevochten in twee belangrijke veldslagen.

Slag van Anegawa (姉側の戦い)

In 1570 nam hij deel aan de Slag van Anegawa (姉側の戦い) waar Oda Nobunaga met de hulp van Ieyasu Tokugawa de coalitie tussen Azai en Asakura versloeg. Deze slag ontstond nadat beide de forten van de Aiza en Asakura clans belegerden. De belegering mondde uit in een bloedige strijd in een ondiepe rivier ten voordele van Nobunaga en Ieyasu.

Slag van Mikata ga Hara (三方ヶ原の戦い)

In 1572 nam Hattori Hanzō deel aan de Slag van Mikata ga Hara (三方ヶ原の戦い). Takeda Shingen viel hierbij Ieyasu Tokugawa aan met een leger van 30,000 soldaten. De slag speelde zich af op de heuvel Mikata nabij Ieyasu's kasteel in Hamatsu. Ieyasu had 8,000 soldaten en Oda Nabunaga had 3,000 soldaten ter versterking gestuurd. Ieyasu's leger leed grote verliezen, mede door Takeda's beruchte cavalerie. 's Nachts echter heeft Ieyasu met enkele dappere strijders Takeda's leger naar het ravijn kunnen terugdringen waar ze machteloos waren en zich hebben moeten terugtrekken.

Ieyasu's vlucht naar Mikawa

Hattori Hanzō's voornaamste bijdrage volgde in 1582, na Oda Nabunaga's dood. Ieyasu Tokugawa en zijn gevolg verbleven in de omgeving van Ōsaka (大阪) toen Akechi Mitsuhide (明智光秀) een coup tegen zijn daimyō (大名) organiseerde, die destijds in Kyoto in de Honnō-ji (本野地の変) tempel verbleef. Oda Nobunaga werd verplicht om seppuku te plegen. Achteraf werd Ieyasu Tokugawa van het complot beschuldigd en Akechi Mitsuhide's troepen rukten op om Ieyasu te arresteren. Ieyasu vernam het nieuws net op tijd om niet in Akechi's handen te vallen.

Ieyasu besloot om zo snel mogelijk terug te keren naar Mikawa. Zijn bestemming was echter moeilijk te bereiken nu Akechi Mutsuhide's troepen systematisch de hele omgeving uitkamden op zoek naar hem. Hattori Hanzō stelde voor om een route te nemen via Iga, om zo Akechi Mitsuhide's troepen te ontwijken. Als zijnde afkomstig van die regio had Hattori Hanzō banden met de plaatselijke samurai. Ieyasu Tokugawa zelf kon ook rekenen op krijgers die hem gunstig gezind waren mits hij overlevenden van Oda Nobunaga's slag in 1580 had helpen onderduiken.

Honda Tadakatsu (本多忠勝), één van Tokugawa's generaals, stemde toe en liet Hattori Hanzō vertrekken. Zoals gehoopt hielpen de Iga mono (伊賀者), mensen van Iga, en zorgden zij zelfs voor een escorte van 200 krijgers doorheen Iga. Dankzij Goton Jutsu (五遁術), een techniek om zich veilig en ongezien te verplaatsen, wisten Hattori Hanzō en de krijgers Ieyasu Tokugawa veilig naar Mikawa te brengen.

Als dank benoemde Ieyasu hen tot vazal van de Tokugawa clan. Deze groep krijgers van Iga werden om wille van hun kennis van ninjutsu door het Bakufu gebruikt voor speciale operaties. Doordat die missies van geheime en clandestiene aard waren, is tot op heden niets van bekend. Hun nakomelingen werden nog steeds ingezet door het shogunaat en dienden tijdens vreedzame perioden als wacht in de tuinen van het kasteel van Edo.

Hattori Hanzō kreeg voor zijn bewezen diensten grote erkenning en ontving de leiding over Ieyasu's Hassenshi, een selecte groep van 8 elite samurai.

Het einde van Hattori Hanzō's leven

Het graf van Hattori Hanzō bij de begraafplaats van de Sainen-ji (西念寺) tempel in Shinjuku, Tokyo. Hij ligt er begraven samen met zijn favoriete speer.
Historici nemen aan dat Hattori Hanzō op 55-jarige leeftijd in 1596 werd vermoord door leden van de Fūma clan, in opdracht van de Hōjo clan (北条氏) uit Odawara (小田原), alhoewel er ook een andere versie bestaat (zie volgende paragraaf). In hoeverre deze versie op historische feiten berust is tot op heden nog onbekend.

Hattori Hanzō stierf op 4 december 1596 tijdens zijn laatste campagne. Op die dag had Hattori Hanzō de leiding over een leger om de ninja's van de Fūma clan uit Kanagawa no Kuni (神奈川国) te elimineren. Hanzō en zijn troepen volgden hen in boten op de zee, recht in de Fūma's hinderlaag. De Fūma hadden onderwatertechnieken gebruikt om het roer van de schepen te blokkeren. Om te ontsnappen, wilden Hanzō en zijn troepen naar de kust zwemmen, maar zodra ze in het water sprongen, staken de Fūma ninja's de grote hoeveelheid olie in brand die ze ervoor in zee gedumpt hadden. Hattori Hanzō en zijn troepen kwamen allen om in de vlammen.

Het verval van de Hattori clan

Onder het bewind van Tokugawa Iemitsu (徳川家光, 1604-1651), de kleinzoon van Tokugawa Ieyasu, vonden vele ninja's aanstoot bij de manier waarop ze behandeld en onteerd werden. Ze kwamen in opstand tegen Hattori Hanzō's voorouders die nog steeds in dienst waren van het shogunaat. De opstand aan de Sasa tempel werd bloedig neergeslagen door de troepen van de shōgun en de leiders werden gevangen genomen en geëxecuteerd. Dit betekende ook het einde van de Hattori clan's bloeiperiode, aangezien ze hun titel en status hadden verloren door het gebrek aan optreden en gezag bij deze opstand.

Ter ere van Hattori Hanzō

Vandaag nog zijn er nog een aantal verwijzingen naar Hattori Hanzō. Zo heet bijvoorbeeld één van de ingangen van het keizerlijk paleis in Tokyo Hanzō-Mon. Tokyo heeft ook zijn eigen Hanzō-Mon metrolijn, die loopt van het centrum tot de voorstad in het zuid-westen. Dit getuigt van het belang die Japanners aan hem hechten.

Bronnenvermelding

  • (1993) Japan. An illustrated Encyclopedia, Volume 2, Kodansha
  • (1963-2000) Dictionnaire Historique du Japan, Publications de la Maison franco-japonaise, Tokyo: Kinokuniya
  • The Cambridge History of Japan, Volume 4, Early Modern Japan, Cambridge University Press
  • Encyclopedia Nipponica 2001, Volume 18, Shogakukan
  • Carlsson, Peter. <datortek@sbbs.se>. Berühmte Ninja, (1999-2006) Fachmagazin für Ninja, Ninjutsu und Kampfkunst kogakure.de (23-11-2006)
  • Yuriko Ito, Centre Culturel et d'Information, Ambassade du Japon, Avenue des Arts 58,

1000 BRUXELLES

  • Willy, Vande Walle, Geschiedenis van Japan tot 1868, academiejaar 2006-2007, Leuven: Katholieke Universiteit Leuven, 2006