Genroku-cultuur

Uit GeschiedenisJapan

(Doorverwezen vanaf De genroku-cultuur)

Men kan stellen dat op het einde van de achttiende eeuw uiterlijk op materieel vlak heel wat aspecten van het leven in de steden zo ver ontwikkeld waren dat er moeilijk nog onderscheid kon worden gemaakt tussen de samurai- en de niet-samurai-klassen. Politiek-structureel evenwel bleef de kloof reëel en daarom is het noodzakelijk te spreken van een specifieke ‘burgerlijke’ cultuur die zijn oorsprong en bloei vooral kende in de drie grote steden: Ōsaka, Kyōto en Edo. Deze cultuur noemt men naar de periode waarin haar bloei het hoogst was (eind zeventiende eeuw - begin achttiende eeuw): de Genroku bunka 元禄文化.

Het was de klasse van welvarende stedelingen die het eerst de middelen en de tijd kregen om een ‘massa’-cultuur te creëren, dit in tegenstelling met de ‘edele’ tradities tot dan toe bestaande in de kunsten en literatuur. De stedelingen introduceerden een totaal nieuw element aan het geheel van het cultureel leven in Japan. Hun belangstelling ging niet uit naar filosofische bespiegelingen of de gepolijste aristocratische vaardigheden van de hovelingen in Kyōto, zij zochten in de eerste plaats ontspanning in het persoonlijke vertier en het onmiddellijke genot (vaak het erotische). De karakteristieken van deze stedelijke cultuur worden in één woord opgesomd in het begrip ukiyo 浮世dat letterlijk de ‘vlietende wereld’ betekent. Hoewel dit begrip in oorsprong naar de vergankelijkheid der dingen verwees vanuit een boeddhistisch perspectief, gaat het nu in deze nieuwe context verwijzen naar het bruisende leven in de steden, naar alles wat modieus en trendy is, en naar het populaire vertier.

Dat de stedelingen zulk een naar het hedonisme neigende cultuur creëerden mag echter niet doen veronderstellen dat zij als klasse niet een aantal ‘hogere’ idealen of een zekere burgerzin bezaten. Zij leefden in een maatschappij van verplichtingen en verzuchtingen, even veeleisend als het sociale keurslijf waarin de samurai zaten gedrongen. Een handelaar had de sociale plicht zijn handel te laten bloeien om op die manier het blazoen van zijn familie te eren, en de ambachtsman was steeds in de weer de kwaliteit van zijn producten en de naam van zijn atelier hoog te houden. De sociale verplichtingen van de stedelingen, analoog met die van de samurai, benadrukten in grote mate de loyaliteit (aan het zakenleven) en de spaarzaamheid (om de winst niet te versnipperen) en het leven van de stedeling was vaak een lange periode van opleiding, training onder ‘leercontract’ alvorens zelfstandig te kunnen worden.

De uitbundigheid van de stedelijke cultuur wordt vaak verklaard als een uitlaatklep, een manier om zich te ontspannen en even los te komen van de dagelijkse beslommeringen en de rigide sociale code die hen was opgelegd door de confucianistisch geïnspireerde politieke en sociale moraal, die bijvoorbeeld werd weerspiegeld in de filosofie van Ishida Baigan 石田梅岩(1685-1744) een handelaar-filosoof afkomstig uit Kyōto. Hij mengde bepaalde elementen van het shintoïsme met confucianistische en boeddhistische stellingen en creëerde aldus een nieuwe hybride vorm van religie dat rechtstreeks de noden van de gewone mens tegemoet kwam. Zijn ‘Studie van het hart’ (shingaku 心学) legde de nadruk op het aanvaarden van de natuurlijke sociale orde, zoals die in de vier standen vastgelegd was.


Hoofdstukken Syllabus tot 1868
tot 645| 645-784| Heian| Kamakura| Muromachi| Eenmaking | Edo