De Boshin Oorlog

Uit GeschiedenisJapan

De Boshin Oorlog (1868-1869 , 戊辰戦争 Boshin Sensō , letterlijk Oorlog van het jaar van de draak ) is het gewapend conflict tussen het Shōgunaat & de Keizersgezinde troepen , dat rechtstreeks leidde tot de val van het Japanse Shōgunaat. Hij maakte de weg vrij voor de Meiji Restauratie die Japan ingrijpend zou veranderden.


Inhoud

Politieke situatie in de 17de eeuw

Japan was begin zeventiende eeuw nog steeds afgesloten van de buitenwereld. Enkel de Nederlanders hadden een kleine handelspost op het kunstmatige eiland Dejima ( 出島 ) in Nagasaki ( 長崎市 ). Er waren ook contacten met de Chinezen. Maar onder druk van de Verenigde Staten om de grenzen te openen ondertekende het De Shōgun in 1853 een vredesakkoord en vervolgens in 1854 een handelsakkoord met de Amerikanen. Aanvankelijk genoot deze zet weinig steun van de Japanse bevolking. Velen waren misnoegd , onder hen ook Samurai van de Chōsū - Clan (長州 , nu Yamaguchi - Ken ). Zij ondernamen een strijd tegen het Shōgunaat maar werden bij Kyōto ( 京都市 ) verslagen. Hun standpunt veranderde echter vlug. Door hun geografisch gunstige positie ondekten de Chōsū samurai vlug de voordelen van de verdragen. Ze kwamen in het bezit van wapens en handelsgoederen .


De Chōsū - Clan vormde kort daarna een alliantie met de Satsuma - Clan (薩摩国; -no Kuni , nu Kagoshima - Ken ), die eerder nog aan de zeide van het Shogunaat tegen de Chōsū gevochten had bij Kyōto. Ook de Satsuma's hadden ingezien dat samenwerken met de buitenlanders en moderniseren essentiëel was voor Japan . Het moest zich immers bewapenen om mogelijke toekomstige conflicten met Westerse landen het hoofd te kunnen bieden. Hiervoor moest echter eerste het conservatieve Bakufu omvergeworpen worden.


In 1865 besliste het Shōgunaat om Chōsū aan te vallen. Ze wilden de herbewapening in deze Han de kiem smoren. Shogun Tokugawa Iemocho trok persoonlijk naar ōsaka ( 大阪市 ). De daimyō's (大名) verzetten zich tegen deze plannen wegens financiële problemen. Bovendien zorgde de aanwezigheid van vreemde troepen voor een enorme prijsstijging. In de hele regio van ōsaka braken relletjes uit. Deze strafexpeditie vergrootte dus enkel de sociale onrust.


Het einde van het Shōgunaat

Shōgun Tokugawa Yoshinobu ( 徳川 慶喜 , 1837-1913) was ondertussen Tokugawa Iemocho opgevolgd. Hij richtte onder andere de "productiekantoren" op in Edo & ōsaka om de handel in die Han volledig te kunnen controleren. Aanvankelijk groeide het verzet hierdoor. Maar het progressieve & moderniserende beleid van Tokugawa Yoshinobu leek toch het tij te kunnen keren. De Bakufu verloor kort daarna echter zijn belangrijkste Westerse bondgenoot. Het beleid van de nieuwe Franse minister van buitenlandse zaken ten opzichte van Japan was immers grondig veranderd. De Bakufu verloren veel van hun militaire en logistiek steun. Gunstiger verging het de Chōsū & Satsuma clans. In 1866 slaagden ze erin de nieuwe keizer Meiji ( 明治天皇, Meiji Tennō, letterlijk 'Keizer die verlicht regeerd' ) voor zich te winnen.


De Boshin oorlog breekt uit

Op 8 november 1867 vaardigde Keizer Meiji een geheim decreet ( Tobaku no mitchoku ) uit. Chōsū en Satsuma kregen eindelijk de toestemming van de keizer om de Bakufu omver te werpen. Shōgun Yoshinobu aanvaarde op dezelfde dag nog het minder geweldadige alternatief. Hij droeg zijn bevoegdheden over aan deze nieuwe keizer ( Taisei hōkan ). Onder de supervisie van de Keizer zou een hogerhuis worden opgericht. Dit zou bestaan uit aristocraten en daimōy's. Verder ook een lagerhuis besaande uit samurai en vertegenwoordigers van het gewone volk. Tokugawa Yoshinobu zou de belangrijke eerste mnister post ontvangen.

Op 3 januarie 1868 namen Satsuma & Chōsū het keizerlijke paleis in. Keizer Meiji verklaarde de Keizerlijke restauratie ( Ouseifukko ). Dit was op papier het einde van de Bakufu en het Shōgunaat. Het antwoord van Yoshinobu liet niet lang op zich wachten. Op 8 januarie 1868 verklaarde hij de restauratie als illegaal en ongeldig. Hij had in het geheim een troepenmacht verzameld nabij ōsaka en viel daarmee Kyōto aan om Satsuma te bestraffen.


Slag bij Toba-Fushimi

Op 27 januarie vond de eerste veldslag van de Boshin Oorlog plaats. de troepen van Tokugawa Yoshinobu bestonden vooral uit getrouwen uit de domeinen Kuwana (桑名市; -shi ) en Aizu (会津藩 , deel van huidige Fukishima prefectuur ) alsook voormalige soldaten en ambtenaren van het Bakufu. Ze telden ongeveer 15.000 manschappen. Nabij Toba & Fushimi troffen ze het leger van Satsuma & Chōsū , dat slechts ongeveer 5000 eenheden telde. Desondanks de numerieke minderheid won het kamp van Satsuma en Chōsū overtuigend de veldslag. De Bakufu getrouwen leden zeer zware verliezen. Yoshinobu slaagde erin naar Edo ( 江戸 , huidige Tōkyo ) te ontsnappen.


Offensief tegen Edo

Yoshinobu's vlucht maakte van Edo het volgende doelwit van de Keizerlijke troepen ( Ishin leger ). De nieuwe leider van dit leger was Saigō Takamori ( 西郷 隆盛 ). Hij trok met het leger noord-en oostwaarts door Japan. Uiteindelijk omsingelden ze Edo en op de 11de dag van de 4de maand 1868 gaf Yoshinobu zich over na strenge onderhandelingen tussen Saigō en Katsu Kaishu , de woordvoerder van Yoshinobu. Yoshinobu werd naar Mito ( 水戸市 ) verbannen. Het nieuwe hoofd van de Tokugawa clan werd tot de status van gewone daimyō gedegradeerd , kreeg Surugu ( nu prefectuur Shizuoka ) als domein en ging in het kasteel van Sunpu wonen. In Oktober 1868 werd Edo naar Tōkyo hernaamd en begon officiëel het Meiji tijdperk.


Shōgitai-rebellie

Sommigen Bakufu getrouwen lagen zich niet neer bij de overgave van Yoshinobu. Ze verschansten zich in de Kanei-ji tempel van Ueno. Ze noemden zich de Shōgitai. Op 15 mei 1868 werden ze echter verslaan door de troepen van Saigō Takamori. Dit betekende het einde van het verzet in Edo.


Aizu geeft zich nog niet over

Na de overgave van Yoshinobu aanvaarde het overgrote merendeel van Japan het gezag van de Keizer. Enkele volhardende aanhangers van het shôgunaat weigerde dit echter nog steeds. Het waren vooral mannen van de Tôhoku regio onder leiding van de daimyō van Aizu. Maar hun pogingen waren tevergeefs. De grote steden vielen één voor één ( Nagaoka , Sendai , Mutsu ) in de handen van het nu officiële regeringsleger. Op 22 september viel tenslotte Aizu zelf. Een bekende episode uit deze oorlog is die van het Witte tijger corps ( Byakottai ) uit Aizu dat rook zag opstijgen en dacht dat het kasteel gevallen was. Vervolgens pleegden ze alle 10 sepukku. De vechtlust van Aizu werd ook legendarisch dankzij hun vrouwencorps die als wapen naginata's gebruikten.


Laatste wapenfeiten in Hakodate

Enemoto Takaeki(榎本 武揚), een vice-admiraal van de marine, was na de overgave van Edo met de resten van zijn vloot naar Hokkaidô gevlucht. Als basis daar had hij het Goryōkaku-fort gekozen. Daar hield hij zich op samen met zo'n 1600 soldaten. Hij wilde daar de Republiek van Ezo stichten. Iedereen die het met de Meiji oneens was kon zich daar vestigen. In mei 1869 was het fort omsingeld en werd het bovendien ook van op Zee bestookt. Ze gaven zich diezelfde maand nog over .

Dit was het laatste wapenfeit in de Boshin Oorlog. In Maart had keizer Meiji al de Eed in Vijf artikelen vastgelegd. Edo was hernaamd naar Tōkyo , en de Meiji restauratie was nu daadwerkelijk het Meiji tijdperk geworden. Een nieuwe bladzijde in de Japanse geschiedenis.

Bronnen

  • Vande Walle, Willy, Geschiedenis van het Moderne Japan (1.3 , 1.4 : pagina 23 tot 38).